Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te komen; hij keek den leeraar flink aan en zei zoo duidelijk dat al de jongens het konden verstaan: — „Als-u-blief, meneer!"

Tegelijk had hij zijn handen uit zijn zakken getrokken en ze met uitgespreide vingers naar den mast vooruitgestoken ...

Maar het was of daar een wonder gebeurde!

Want met een ruk scheen Tobias van zijn plaats te springen, en alsof hij omhoog werd geheven, zweefde hij de lucht in, ja zat, zonder de minste inspanning te hebben gedaan, al drie meter hoog van den grond.

De jongens, die evenmin als de gymnastiekleeraar, die nog bezig was, zijn horloge voor den dag te halen - scherp hadden opgelet wat er gebeurde, meenden, dat Tobias met een geweldigen sprong tegen den mast omhoog was gevlogen, om op die wijze de onderste zeeplaag te overkomen. Dat was een slimme streek vonden ze. Maar het zou den klimmer toch weinig geven, omdat de heele mast van beneden tot boven overal dik onder de groene zeep zat. En wat zou hem dat eerste begin baten nu de grootste helft hem nog wachtte! Toch nam het niet wég dat door het. brutale begin van Tobias aller aandacht nog meer dan aanvankelijk op hem gevestigd werd. Die van den leeraar niet het minst.

En zoo zag dan iedereen tot zijn stomme verbazing, hoe Tobias ongevoelig scheen voor de glibberige massa, waarin al die andere jongens tevergeefs eenig houvast voor hun klimmerij hadden trachten te vinden. Hij sloeg kalm zijn twee handen om den mast boven zijn hoofd en ging dan met een zetje omhoog, alsof hij zich zelf niet eens inspande, maar zich door een onzichtbare macht naar boven het trekken. Het vreemde van het geval was, dat de jongen zelf even verwonderd keek als al zijn kameraden beneden. Niemand sprak een woord, hij zelf ook niet. Met drie maal zijn handen uitsteken was hij al over de helft van den mast-Hier keek hij even omlaag, rustig gezeten, met zijn beenen om den mast gevouwen, zonder inspanning, alsof hij daar kalm op een

Sluiten