Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

greep den mast, waar deze het vetst van groene zeep droop. Het scheen echter wel, of zijn tien vingers sterke schroeven

waren, die dwars door de vette

buitenlaag diep in het harde hout doordrongen, en alsof de jongen niet eens de moeite had te doen, zich naar dén. top op te trekken. Van zelf scheen hij naar omhoog te gaan, opgetrokken als het ware door een vreemdsoortige kracht, omhoog gestuwd door een onzichtbare macht. Eer de jongens eigenlijk nog goed en wel van hun eerste verbazing bekomen waren, had Tobias den masttop al bereikt.

— „Zestien sekonden!" klonk de moeilijk tot kalmte bedwongen stem van den gymnastiekleeraar beneden.

Tobias, die in het nokje van den mast was aangekomen, raakte haast met zijn hoofd de balken van den hoogen zolder van het gymnastieklokaal. Hij scheen volstrekt niet vermoeid door zijn buitengewoon staaltje van klimkunst. Zelfs liet hij nu weer zijn handen los, terwijl hij. onzeker om zich heen tastte, alsof hij zelf niet wist wat er met hem gebeurde.

De jongens beneden keken met ontzetting omhoog... Tobias zou toch niet duizelig zijn geworden

Sluiten