Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebleven gaatje in de ruit met de laatste scherven te vullen. Hij nam de scherf ter hand, waarop de lettergreep lo stond. Die hoorde nog meer naar rechts. Nu had hij nog slechts één stuk glas over, met een groote W er op geschilderd. En zonder zich een oogenblik te bedekken, omdat het stuk precies paste in het laatste open gat, schoof hij de W tusschen de andere letters in, zoodat hij daar achterste voren voor zich las:

KOLONIALE WAREN.

Tobias moest inwendig lachen, dat dit gewone opschrift van een kruidenierswinkel: „Comestibles en Koloniale Waren" voor hem eerst zulk een puzzel had gevormd. En nu daar de gebroken ruit weer gemaakt voor hem stond, weer heel, zonder één ontbrekend scherfje, ja, zonder barsten zelfs, kon hij zich niet inhouden hardop te grinniken over dit onbegrijpelijke verschijnsel van de, elk op haar eigen plaats behoorende en blijkbaar stevig passende scherven. i

Dit hoorde de kruideniersbaas. De man keek op en zag zijn winkelruit zónder het gapend gat er in. Meteen rinkelde de bel van de voordeur. Een agent van politie stond in den winkel.

— „Goeie middag, patroon!", zei de man van het gezag, en hij sloeg met zijn witten handschoen aan den rand van zijn pet. Daarop trok hij langzaam den eenen witten handschoen uit, vervolgens ook den tweede, zooals iemand doet, die kalm en ernstig aan zijn arbeid gaat beginnen, zonder zijn handschoenen daarbij vuil te witten maken.

De kruidenier vergat geheel, den agent diens groet terug te brengen; hij keek met verbaasde oogen naar de ruit. Daarom vervolgde de agent zijn alleenspraak:

— „D'r was naar bureau getelefoneerd, dat er bij u 'n ruit was ingegooid en dat u een van de daders gepakt had..."{

De agent kreeg Tobias in het oog, die daar nu weer plotseling geheel niet op zijn gemak tusschen de koloniale waren in de uitstalkast ineen kromp.

Sluiten