Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontboden agent daar in diens winkel binnen was gestapt, om proces-verbaal op te maken wegens het ingooien van dë spiegelruit, ... terwijl er nergens een scherf aan de ruit ontbrak! De kruidenier had er niet eens aan gedacht, den jongen tegen te houden, toen deze, achter zijn rug en dien van den agent om, den winkel was uitgeslopen. De andere jongens, met wien hij hockey had gespeeld, waren al lang gevlogen geweest, toen de winkelier Tobias als den vermoedelijken schuldige in den kraag pakte; die hadden zijn tooverij dus niet gezien.

Maar toch begreep hij, dat hij daar zoo juist iets onbegrijpelijks tot stand had gebracht, waarover hij zich zelf wel het meest verbaasde.

Wat was dat voor een wonderbaarlijke eigenschap, welke hij bezat, om een gebroken ruit, die aan scherven lag, weer heel te maken?!

Tobias keek in stille verbazing naar zijn handen. Er was niets bizonders aan te zien.

Hij sliep toch niet? Dit was immers geen droom?

Welk een aantal zonderlinge voorvallen maakte hij toch in de laatste dagen mee!

Maar toen hij zich zelf eens flink in zijn arm geknepen had «n hij wel degelijk pijn voelde, bemerkte hij toch, dat hij nu klaar wakker was en dat dit alles dus gèèn droom was.

Wat kon het dan wel zijn?!

Zoo slenterde Tobias naar huis, wat van streek, wat beduusd, zelf volstrekt niet op zijn gemak met deze zonderlinge eigenschap, waarvan hij tot dusver nooit geweten had. Zou hij het zijn ouders vertellen? Zou hij aan tafel het verhaal doen van de gebroken en weer gemaakte winkelruit?

Hij was bang, dat men hem niet zou gelooven, omdat men hem thuis kende als een gewone jongen aan wien immers niets bizonders te bekennen viel. Zijn zusters zouden hem zeker uitlachen. En tante Drees...

Tante Drees!... Eensklaps herinnerde hij zich het niet heel

Sluiten