Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laatsten spreker. Hij had een flinke, breede figuur, was eenvoudig en netjes gekleed, vertoonde een stug, streng gelaat, met kortgeknipten snor, de sterke vierkante kaken glad geschoren; deze man in de kracht van zijn leven maakte den indruk van een kerel, die wel wist wat hij wilde. Hij had langzaam, doch met overtuiging gesproken; in zijn heldere oogen scheen men te lezen, dat hij zijn doel voor zich zag. Doch de meeste heeren van het gezelschap meesmuilden spottend: — „Hoe!... Deze politie-beambte in burgerkleeren wilde het raadsel oplossen 1... Hij wilde de oorzaak opsporen van het geheim, terwijl de knapste bollen geen antwoord wisten te geven ?... Hij wilde uit de gevolgen de oorzaak aantoonen?"

Men dacht hier te doen te hebben met iemand, die de volle waarde van zijn woorden niet begreep, die de zaak te luchtig opnam, die met voortvarendheid meende te kunnen bereiken, wat al die anderen na ernstige beredeneering niet hadden weten uit te vinden.

Doch waarom zou men den laatsten spreker de gevraagde vrijheid niet geven 1

Volgens de tot dusver gevolgde manier scheen men toch niet tot het gewenschte resultaat te komen. Dus kon er geen bezwaar bestaan, dezen ondernemenden man het op zijn wijze te laten beproeven.

En met enkele woorden, waarin men echter den twijfel aan zijn welslagen niet kon onderdrukken, gaf men hem verlof, de vergadering te verlaten. Met een moeilijk onderdrukt gelach liet men hem gaan, om daarna het overblijvende gedeelte van den nacht door te brengen met het ampel en breed bespreken van steeds weer nieuwe denkbeelden en veronderstellingen, voorstellen en plannen, waarvan echter alle aanwezigen — behalve telkens degeen, die er mee te berde kwam! — moesten erkennen, dat ze even onpractisch en onuitvoerbaar waren als de overige.

Intusschen had de politie-inspecteur Speurmans het Stadhuis verlaten. Hij had daar voldoende gegevens opgevangen, om een

Sluiten