Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sten lessenaar gezeten was, schijnbaar levenloos, maar toch met de groote, ronde oogen angstig opengesperd, nog altijd naar den jongen loerend, alsof het diertje in doodsnood verkeerde over zijn toekomstig lot.

Tobias had de reageerbuis van de aanrechttafel opgenomen; deze kleefde tenminste niet vast, hetgeen hem reeds als een gelukkig verschijnsel voorkwam. Even doopte hij een vinger in het zwarte poeder; toen wees hij er mee in de richting van de muis.

En in-eens was het als schrikte het diertje, als leefde het weer op.... En met één vluggen sprong was het van den lessenaar in zijn holletje achter het behang verdwenen.

De „Anti-Stolpulose" werkte even overweldigend als de „Stolpulose" !

-Daarop strekte Tobias de hand uit naar het onverbreekbaar op de aanrechttafel gehechte kladboekje. Dadelijk wapperden de beduimelde blaadjes weer om en tegelijk kon de jongen het boekje opnemen. Hij klapte het dicht, stopte het diep weg in de veiligheid van zijn broekzak. Wat nu ?

Hij hield de reageerbuis nog in de hand. Zonder zich te bedenken schudde hij den zwarten inhoud leeg over het hoopje wit poeder. Even schrok hij...

Er had een ontploffing plaats gegrepen 1

Het had echter geen slag gegeven. Neen, men zou eerder moeten spreken van een zoo goed als geluidlooze ontploffing. Het klonk als een zucht, als het zachte uiteenspatten van een reuzen-zeepbel, als het leegsissen van het een of ander opgeblazen ding van gutta-percha.

Er waren daarbij ook geen felle vlammen, die met vurige tongen omhoog lekten; ook sloeg er geen gele zwaveldamp uit, geen blauwe walm.

Slechts een dichte zwarte wolk verspreidde zich boven de aanrechttafel. Maar meteen verhelderde de zwarte damp zich en loste vlug op, zonder dat men zou hebben kunnen zeggen, waar hij bleef.

Sluiten