Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn hand losgelaten. Was de stok op dit zelfde oogenblik in tweeën gebroken? Een andere veronderstelling was niet goed mogelijkI Maar dan moest Tobias er meer van weten 1 Wanneer de kwajongen, die den laatsten tijd zoo geheimzinnig deed, door het een of andere maniertje zijn vader kon helpen ontkleven, dan moest die kwajongen ook wel iets meer weten omtrent het raadselachtige breken van den wandelstok, waardoor hij het pak rammel, dat hem juist zou worden toegediend, op het nippertje ontliep. Hij zou zijn zoontje eens even mores leeren 1

De vader draaide zich dus om. Maar geen zoon was er in het kamertje meer te zien.

Waar was die jongen gevlogen? De deur was nog gesloten; er gaapte wel een gat in den zolder, maar daar had die rekel niet zoo vlug door gekund: het raam stond open...

De vader was vlug naar de gevaarlijke vensterbank getreden, doch ditmaal scheen deze hem niet meer vast te houden. Hij stak het hoofd naar buiten om te kijken of hij zijn zoon ook ergens kon zien.

Maar nauwelijks had hij zijn hoofd buiten het raam gestoken, of hij kreeg een gevoeligen slag op zijn kruin. Hij greep naar zijn schedel, omdat daar iets op gevallen was. In zijn hand hield hij de zool en den hak van een mannelaars, die boven van het dak naar beneden moest zijn gevallen, juist op het oogenblik, dat hij zijn hoofd naar buiten stak.

De vader zei een heel leelijk woord, dat zich hier niet herhalen laat. Hij wreef zijn achterhoofd, wanWiet had pijn gedaan. Daarop stak hij de zool in zijn zak, om tenminste, in plaats van den wandelstok, iets bij de hand te hebben, wanneer hij straks metzijn zoon, dien hij ook van déze streek verdacht, eindelijk eens zou afrekenen.

Zoo kwam hij in een alles behalve genietelijke stemming de zoldertrap af, daalde ook langs de volgende trap verder naar beneden, waar zijn ongelukkige vrouw, kinderen, zuster en dienstboden overal als slachtoffers van al die geheimzinnigheid ter rleer lagen. Maar in de kamer van zijn zuster Drees hoorde hij een scheldende ruwe stem, die hij onmiddellijk herkende als die van

Sluiten