Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— „Kom hier!", klonk de stem van den strengen politieman bevelender. '.

Maar Tobias zat er al weer in zijn welbekende dakgoot, en haastte zich de daken langs, naar het hooge dak van het huis van Tante Drees.

En terwijl inspecteur Speurmans met steeds dreigender stem zijn bevelen riep tegen den hoogen schoorsteen, waarachter, naar hij meende, die gevaarlijke jongen nog altijd bezig was, de laatste gevaarlijke snippers uit diens gevaarlijken broekzak te verbranden, daar klauterde Tobias reeds zijn dakkamertje binnen, en sloop de jongen de trappen al af van Tante Drees' woning, waar uit alle kamers de vroolijke blijde stemmen klonken van zijn tante, zijn ouders, zijn zusters, de dienstboden, en waarbij Tobias meende te verstaan, hoe allen door elkaar zijn naam riepen.

Doch ditmaal klonk dit niet op een strengen, driftigen, verbiedenden, noch verwijtenden toon, doch hartelijk en vriendelijk, aanhalend en vleiend.

Tobias!... Tobias!!.., Tobias!! I

Maar Tobias zelf haastte zich de deur uit; de stoep sprong hij af, de grachten holde hij langs, de straten rende hij door, — tot hij eindelijk voor het ziekenhuis stond, waarheen men een week geleden met duizend voorzorgen Dr. Stolp had overgebracht.

* * *

De aanwezigheid van den schijnbaar levenloozen en toch levenden Dr. Stolp in het ziekenhuis gaf aanleiding tot heel wat wetenschappelijke drukte.

De laatste dagen waren er reeds eenige van de beroemdste professoren uit het binnenland op consult geweest, en dezen dag verwachtte men den grooten geleerde Davidoff van het Instituut Pasteur te Parijs.

Het geval van den plotseling algeheel verstijfden scheikundige had. niet weinig ontroering en belangstelling gewekt in wetenschappelijke kringen. Reeds was een eerste vlugschrift verschenen,

Sluiten