Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't donkere huisje binnen sluipt. Dadelijk komen de vogels tot rust, én gaan nu aan hun eigen dagtaak voort; maar die katl die zat ze dwars, die moest eerst van de baan!

En wat doet onze buurman nu toch op zoo een stillen Zondagochtend; dat moet ik toch ook even bespieden. O, maar mijn lieve tijd, dat is zeker een van de landelijke gewoonten, en we moeten 't nemen zoo als 't is! Hij draagt de emmer uit het privaat naar buiten, hij gooit den inhoud in een omheind vuilnisbeltje, doet er wat afgemaaid gras overheen, blijkbaar exprès daarvoor gereedliggend gras, spoelt den emmer om, gooit 't omspoelsel op 't gras, dat 't goed nat is en niet verwaait, en keert terug naar zijn kluis. „Frissche morgen, ieder zijn neus vol" denk ik en wat doet hij nu ? Hij woont blijkbaar alleen, want nu gaat hij aan dewasch. Ik moet even toezien, het geval is te merkwaardig". Hij wascht en wringt uit, met forsche, langzame handgrepen: één wollen hemd, één dito broek, één boezeroen, één rood-katoenen zakdoek. Zie-

Sluiten