Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo; hij peutert en scharrelt in den wijden broekzak en haalt er zes klampjes uit, bevestigt stevig de natte kleeren aan 't touwtje en klaar is Kees. Eenvoudiger kan 't al niet, vanavond is het goed droog, t wordt ingehaald, en de klampjes weer in den Zondagschen broekzak gestopt tot de andere week. „Dat zijn dus zooal des buurmans Zondags-geneugten," peins ik, „maar kom aan, voort gemaakt." Als straks Kareltje wakker wordt, moet mijn pen opgeborgen en 't vroolijk kereltje in de kleeren geholpen. Nu komt de jonge smid thuis, misschien van de vroegmis, want er zijn hier zoowel Katholieken als Protestanten, er is één pastoor en, naar ik meen, vier dominees op het eiland, zoowel gereformeerd als doopsgezind. Hij wringt zich uit zijn blauwe trui, hangt die aan een spijker buiten de deur, schuift de voeten uit de klompen, gaat binnen en blijft óver de onderdeur hangen. Zoo dikwijls ik op kijk van mijn werk, zoo dikwijls zie ik den jongen smid hangen over de onderdeur. Waar zoo'n deur al niet goed voor isl 's Winters om

Sluiten