Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoo'n treuzel met eten ! Een kleine ontbijttafel, van de elf waren er vier gaan baden, en wie geen extra-vroege ochtendplannen had, bleef nog onzichtbaar en ontbeet na. „Waar Frans toch blijft? toe Kareltje, ga eens naar boven en ramei op de deur". „De vogel is gevlogen," riep Kareltje van boven en we hoorden van den ouwen smid, die al trouw over de onderdeur hing: „De roodbroek is ook mee naar zee, hij rende achter de andere heeren aan." Ziezoo, daar zaten we, afwachten en geduld oefenen, was 't eenige, dat we konden doen. Op 't allerallerlaatste nippertje, nog twintig minuten voor den tijd kwam hij door 't duin aanslenteren. Ik had de meisjes met Kareltje vooruit gezonden en ik stond aan den voet van 't duin in het weiland en riep hem toe, haast te maken. Geen tijd zelfs voor beknorren, dat hield hij nog te goed. Ik pakte hem aan den arm en samen hijgden, renden, bliezen we, zonder een woord te spreken richting steiger. De plank was al ingetrokken, maar op verzoek van de meisjes nog even teruggelegd. „Ach de

Sluiten