Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plezier in, als ik Louis in zijn sportriem vastgreep, „als een reddingsboei" opdat ik niet van mijn plank af zou slaan ! Over bruggen, van planken gelegd over de drassige „slenken" d.w.z. kreeken uit het wad, langs drinkplaatsen voor het vee, dat altoos bij heele kudden tegelijk komt drinken op vaste uren, en dan gemoedelijk met de pooten in zijn drinkensbakje staat. Hopsa, heisa, hier is het goed zijn, in dit eiland van melk en hooi, van bouw- en weiland, met al zijn vee en paarden en schapen! „Hou je vast Kareltje, pas op joggie!" Trientje zat achter op, met de lange beenen bengelend uit de kar en het grijs kookketeltje op de knieën. Ze had nooit veel gereden, het goede kind, ze genoot, dat nu eens een ander stel beenen voor haar liep! Wel dikwijls stónden de paarden stil en verwisselden wij de levende have binnen in de kar. Dan liep ik met Kareltje, die bloemen en veeren van de zeemeeuwen zocht, bruin en wit gevlekte of zilver grijze. Kijk, daar vloog een heele zwerm vogels op. „Zijn ze bang voor ons Michiel?" „Nee,"

Sluiten