Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De weg liep geleidelijk omlaag tusschen aardige dennebosschen, door zilversparren en „Kerstboo-

• men" zooals Kareltje beweerde, die toen hij moe begon te worden, lekker achter op de kar was gesprongen. Dan weer een lichting in het bosch en het schoone duinpanorama ontrolde zich voor ons, dan weer een dennelaan, geurig en frisch alsof we op de Veluwe waren. Konijntjes sprongen over den weg, vogels zongen, 't leek een tooverboschje, te midden der kale duinen. Op het duin overal de grijs-blauwe distel, die we in Vlieland zoo noode hadden gemist. Jammer, jammer, dat het niet eindeloos zoo duren kon !

• Maar neen, we kwamen op een, ons wel zeer bekenden weg, n.1. langs't tarweveld en de aardappelenteelt van buurman Molenaar, de onvriendelijke Amelander boer, die zelfs een onschuldig partijtje croquet verbood op het vlakke duin achter zijn huis, zeggend dat 't hooi-weide was; we reden door en zagen onze villa vóór ons, waarin, door het opengebleven raam, de postbode een pakje brieven had gestoken, als welkom thuis.

Sluiten