Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Mensch, wat praat je toch," zei ik, „je hebt 't zelve gewild. Niemand heeft je gezegd, dat je gaan moest."

Dat was zoo, ze bromde nog een beetje en zakte naar 't eind van den stoet af. Later vertelde ze mij, dat ze nog wel driemaal gestruikeld was en dat ze 't een afschuwelijken tocht had gevonden!

Geen wonder, we waren allemaal dolblij, toen we van verre 't lichtje van de villa zagen. Zelfs de oorwurmen zouden ons, als ze ons waren tegemoet gekomen, als welkome boden van huis hebben toegeschenen! Tn de gang brandde de lamp, om den hoek der slaapkamers stonden de blakers en voor ieder lag op 't kussen een reep Kwatta! Welkom, welkom, gauw in huis en onder de wol en sluit de deur voor dien akeligen ziektebrengenden damp! 't Was of we onze mevrouw die woorden hoorden zeggen, ze lag gelukkig al te bed, maar haar goede zorgen hadden ons toch deze thuiskomst bereid. We volgden snel haar stilzwijgende raadgeving

Villa Oorwurm. n

Sluiten