Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om aan de Indianen te ontsnappen? luidde haar wedervraag.

De Canadees knikte toestemmend.

Toen nam ze hem terzijde, en met hijgenden adem vervolgde ze:

Spreek, spreek, vriend. Het is niet de baatzuchtige zorg om te leven, die mij op dit oogenblik beangstigt — en met een droevigen blik naar den hemel — gij zult dit later begrijpen, maar te ontsnappen aan hen die pns insluiten, en de mogelijkheid binnen bereik te hebben om ons werk te voitooien.

Het gelaat van den jager drukte een men-' geling uit van bewondering, schaamte en verdriet.

In de nabijheid der Mestiza voelde hij zich nooit op zijn gemak, maar op dit oogenblik was zijn ontroering grooter nog dan gewoonlijk."

Het was noodig, dat zij herhaalde:

Spreek, meneer Francis!

En met moeite bracht hij er uit: Dezen afgeloopen nacht, toen ik een waakzaam oog hield op de kruin der rots, die het Zwarte Meer beheerscht, kreeg ik een der roode duivels in het oog, en bun een of ander projectiel toe te zenden, is wel de eenige en nuttelooze wraak die ons ten dienste staat. Maar de manier van doen van den man, dien ik op de punt van mijn karabijn had, intrigeerde me. Twintigmaal was ik op het punt van los te drukken en twintigmaal hield ik het schot in.

En waarom? vraagde Dolora.

Dat zal ik u zeggen. De krijger, een jonge Comanche, volgde den tegenovergestelden oever van het meer. Ge weet. dat van dien kant het water den voet besnoeit van de rots. Hij was de rotsmassa genaderd, die bij den noordelijken ingang zich verheft en de Vallei verbindt met de wildernis. En een curieuse bizonderheid, de schurk was geheel ongewapend. Zelfs zijn mantel had hij niet om.

Ga voort, ga voort, zei Dolora, wier belangstelling toenam.

Ik begreep er uit, dat hij vrijer wilde zijn In zijn bewegingen.

Dat is waarschijnlijk.

Ik was er weldra zeker van. Toen hij de Ingevallen rotsen was genaderd, verdween de Comanche voor eenige oogenblikken, maar vertoonde zich weldra weer op de kruin. Welk grillig voornemen bezie'de hem toch? Plotseling kon ik nauwelijks een kreet van verrassing weerhouden. De Indiaan had zijn voetstuk van rotsen verlaten, langzaam schoof hij voort, tegen het rotswand als het ware vastgehecht.

Tegen het rotswand maar dat is onmogelijk, Francis.

Dat dacht ik terstond bok al. hernam de jager, en ik wreef me de oogen... toch was het zoo, het visioen hield aan. De Roodhuid bleef zachtjes voortschuiven en scheen een lichte helling op te stijgen, die hem een achttal meters moest brengen boven het punt

waar ik mij bevond. Het wonderbare, gij weet het, Donna, bekleedt geen bijster groote plaats in het begrip der prairiezwervers. Alles laat zich verklaren. En een verklaring deed zich ook weldra voor. Laat hooren.

Er moet zich daar een nauw pad bevinden, dat ons tot op dit oogenblik onbekend is gebleven door de overhelling van den top. Op dien luchtweg steunde de snaak. En heel stilletjes strekte ik me in volle lengte over den grond, alleen met het hoofd ovet de steilte gebogen.

En toen?

Ik had me niet vergist. Buiten twijfel had de Comanche dat gevaarlijk smal paadje van den anderen kant van het meer verkend; hij onderzocht het nu, naar allen schijn om te weten of het uitkwam op het plateau en daardoor de kans gaf om ons te verrassen.

Hebben we dat tè vreezen?

Neen, Donna. De rand waarvan ik spreek

neemt plotseling een einde het nauwe

pad loopt dood. Kortom! Ik liet den Roodhuid zijn verkenning voortzetten, en toen hij dicht in mijn nabijheid was, velde ik hem met een karabijnschot neer. Zijn lijk ligt op den bodem van het Zwarte water. Maar er is mij toch een licht opgegaan.

En welk?

Het enge wegje kan niet dienen om tot ons te genaken, maar een vastberaden kerel kan er gebruik van maken om de waakzaamheid der belegeraars te verschalken, de prairie bereiken en hulp gaan halen.

Ja, ja, bij de Seminolen van de Canadeesche rivier, die van eeuwen herwaarts de bondgenooten waren der Azteken.

Die Indianen vooral zijn intelligenter, menschelijker, beschaafder en verklaarde vijaiden der roovers van de woestijn, Apachen of Comanchen. Morgen bij nacht zal ik het avontuur wagen. Maar. dat niemand onzer overigens het plateau verlate, want, al hadden we ook nog paarden, de kansen zijn te gering, om in het open veld de Roodhuiden te weerstaan.

.. Gij hebt gelijk, mijn vriend, wij zullen u hier wachten. Zoo ge kunt ontkomen aan hen die ons omsingelen, vervolg dan uwen weg zonder een minuut u op te houden; de zaak der onafhankelijkheid berust in uw handen.

Ik zal er doorkomen of sterven, was het eenig antwoord van den Canadees. Zeg er onzen vrienden geen woord van. De nieuwsgierigheid zou hen naar den rand der rots voeren, en het is niet zaak de aandacht der Roode duivels op dit punt te vestigen.

De Canadees verwijderde zich en zocht de piaats op waar hij tevoren had gelegen. Daar wachtte hem Peter.

Is de zaak beklonken? vraagde de geëmpIoieerde.

Ja, ik vertrek in den eersten nacht.

En de Mestiza heeft gieen vermoeden van...?

Hoegenaamd niet.

Des te beter. We zijn niet als stadslui, die

5

Sluiten