Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeggen wilde: Komaan! we zullen eens zien.

Het was middag toen men aan hare deur klopte. WfcFp I

Wie daar? was hare vraag.

Ik ben het, Coëllo, antwoordde de grove stem van Marius. Onze vriend is wakker en we gaan ontbijten.

Och, verzoek Senor Massilia, te voren

even bij mij te komen Ik heb hem een

gewichtige mededeeling te doen.

Marius kon een uitroep van verwondering niet bedwingen. Hij kon zich klaarblijkelijk de aanmatiging niet verklaren van den bediende, die zijn meester bij zich liet ontbieden. Coëllo vermoedde dit en haastte zich erop te laten volgen:

Ja, het verzoek schijnt u vreemd, nietwaar? Maar het geldt het leven van een evenmensen.

Goed! Goed! riep Marius, ik zal de boodschap overbrengen, hoewel, om je de waarheid te zeggen, je evengoed kunt meegaan.,. .. Nu ik ga naar mijn meester.

Geheel ontdaan, wachtte de dochter van Fabian Rosales de komst af van Scipio Massilia. Zou deze aan haar roepstem gehoor geven en niet evenals de Texasser van gevoelen zijn, dat het aan een bediende voegde iemand te gaan spreken, instede van omgekeerd? Toch kon ze een glimlach niet weerhouden bij de gedachte, dat ze voor haar kameraden slechts een eenvoudig dienaar was der landhoeve van Fabian Rosales. Maar de glimlach verdween, hare bleekheid nam toe, op het vernemen van een vastberaden stap in de gang, die al nader kwam tot haar vertrek.

Er werd aan haar deur geklopt. Haastig opende ze en een verbaasde uitroep klonk haar tegemoet.

Sappristie! ik ben hier verkeerd...,

een dame excuseer, ik zoek Coëllo.

Die ben ik! stamerde ze.

Gij?

Ik heb mijn naam Vera Rosales verborgen achter dien van een peone.

Waarom, maar waarom dat? vraagde de Marseillaan wiens verbazing ten top steeg.

Zij wilde antwoorden, maar het was haar onmogelijk. Het hart bonsde haar in den boezem, haar adem stokte.

Waarom dat? herhaalde Scioio.

Met een bovenmenschelijke poging bracht ze stotterend uit:

Omdat een tijd geleden— op uw

vensterkozijn...^ een ruiker van den sospiriano. ...

Maar alles draaide om haar heen, ze had een gevoel alsof ze zou doodvallen, met -een diep geslaakten zucht verloor ze het bewustzijn.

Toen ze tot haar zelve kwam. zat zp in een leuningstoel en lag Scipio voor haar neergeknield.

Ge hebt me dus niet verlaten., prevelde ze zachtjes... na hetgeen ik u gezegd heb?

Teeder nam hij haar handen in de zijne: Ta, ta, mejuffrouw, u bezit den moed der leeuwin en de bedeesdheid der hinde, dat zijn de hoedanigheden, die ik gaarne zie in de echtgenoote van Scipio Massilia. Sappristie ik zal bij uw papa aanzoek doen

om uwe hand ik zeg uwe hand, dat is

zoo een gebruik, want beide moet ik hebben.

En met een ontroering, die men zelden gezien had bij den luchtigen kwant:

Arme kleine! Gij hebt aldus mijn voetspoor gevolgd Neen, maar..., ik moet

voor de eerste maal iets ten nadeele van mijn vaderstad getuigen.... er is op de heele Canebière geen dame, die met tt een vergelijking kan doorstaan.

VI.

KREKEL VINDT ZIJN VADER WEDER.

Na een aanzienlijken afstand te hebben gelegd tuschen hen en hun vervolgers, I stelde Dolora haren metgezellen voor om I terug te komen op hun schreden, teneinde Massilia, Marius en Coëllo bij hen te doen aansluiten.

Men zal begrijpen dat Rosales van hetzelfde gevoelen was. Alleen Francis Gairon 'bracht in het midden:

De tijd dringt. Andere hinderpalen zullen zich voordoen. Vóór alles is het noodig dat de Mestizia Mexico haalt. Zij, die nog krachtig zijn van lijf en leden, moeten zich om haar scharen, een bolwerk maken van hun lichaam; zonder om te zien, zonder zich te bekommeren over hen die vallen in den strijd voor het grootsche doel. En te meer, wij bevinden ons op Mexicaansch grondgebied. Onze vrienden hebben niets te vreezen, want Joe Sullivan kan nu slechts met

I list te werk gaan. Weest er overigens van

I verzekerd, dat onze geweerschoten het gansche dorp in rep en roer hebben gebracht en de agent der Noordelijken op dit oogenblik op de vlucht of wel een gevan-

I gene is. iWM

Deze redencering sneed hout; de ruiters

I verdeelden zich en vervolgden hun weg. Alles liep gedurende een paar etmalen goed

| en wel van stapel, maar aan den avond van den derden dag, toen het troepje langs de moerassen van La Paz voorwaarts schreed, vertoonde zich een escadron ruiters aan hun rechterhand. Naar hun 'houding te oordeelen, viel het gemakkelijk te onderkennen, dat ze kwade bedoelingen in hun schild voerden. Verborgen in een bocht van het terrein, hadden ze de reizigers langs het

j moeras laten voortrukken, en sneden ze hun thans volkomen den terugtocht af. Want ter linkerzijde strekte zich de eindelooze onafzienbare stilstaande poel uit, met zijn biesbosch, dat door den avondwind met

onheilspellend gesuis werd bewogen

'rechts rukte de vijand voort.

Sluiten