Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KREKEL VINDT ZIJN VADER WEDER.

Drommels! mompelde Krekel, hier zitten > we in een leelijk parket.

Geen antwoord volgde. Opeens riep Gairon, die scheen na te denken: .

Peter! We hebben vroeger dezen kant uit wel gejaagd....

Ja, patroon.

Als mijn geheugen me niet bedriegt, dan moet er op een honderdvijftig nieters vóór ons een weg liggen, die dwars door het moeras loopt.

Jawel, patroon, maar

De geëmpIoieerde brak al, terwijl hij een angstigen blik wierp op zijn omgeving.

O, zei Rosales, spreek maar zonder omwegen. Ik begrijp, dat je iets ongunstigs hebt mede te deelen. Maar wat maakt het uit voor lieden, die tot sterven bereid zijn?

Peter boog: Welnü, zei hij, de weg waarcm het te doen is loopt Wind. Hij eindigt bij j een rotskloof in wier diepte een bergstroom bruist; de Salto de Agua, zoo heet de plaats, is door een paard niet te overschrijden. Ons op dien weg te begeven, zou gelijkstaan met in de kaart te spelen onzer tegenstanders, want niets anders zou ons overschieten dan ons te laten dooden of ons in "den afgrond te storten.

Een rilling doorhuiverde zijn hoorders. Alleen Francis behield zijn kalmte. Met mijn gordel en mijn lasso, zei hij, zou ik Donna Dolora wel overbrengen, als ik twintig minuten voorsprong heb op de vervolgers. Ik acht het zelfs een goed zaakje voor ons doel, want de vijand kan ons dood wanen Daar schiet me iets te binnen.

- Als dit zoo is, hernam Peter, ga dan met

de Donna vooruit Ik zal trachten onze

tegenstanders zoo lang mogelijk op te houden.

Ik blijf bij U, verklaarde Rosales. En ik! riep Krekel.

De minuten waren kostbaar; het eenig antwoord van Francis was: Dank u, ik neem het aan.

En met opgeruimd gelaat riep hij: Voorwaarts!

De sporen drongen in de zijden der rossen ; deze hinnikten van pijn en bereikten in

•.^-verwarring den aangeduiden weg. In de verte weergalmden kreten, de vervolgers verheugden zich klaarblijkelijk. Zij hadden hun tegenstanders in de klem, aan beide zijden waren dezen ingesloten door het moeras, in het front door de Salto de Agua. Nauw was het stevig pad, dat zich slingerde te midden der modderpoelen van den drassigen bodem Op enkele plaatsen was deze met plassen bedekt waarnaast het riet welig tierde.

Mooi zoo, merkte Krekel op, de vlucht langs dezen kant is niet gemakkelijk, maar

_ de vervolging is het ook niet; dat is tenminste een goed evenwicht in onze positie,

Halt! Afstijgen! beval Peter op dit oogenblik. Patroon, neem de paarden met u, ver-

I volgde hij, ze hinderen ons en zijn een aanwijzing voor den vijand.

Zonder een woord te spreken, greep Francis de teugels en vervolgde zijn weg, door Dolora vergezeld.

De duivel hale me, als ik er iets van snap, begon Krekel.

Houd u stil, beval de jager, en verschuil u achter deze biezen. Vóór ons ligt water. Zij die ons achtervolgen, moeten hun marsch vertragen, om geen gevaar te loopen van te verdrinken of in de modder te blijven steken.

Dat lijkt er wel naar, zei Krekel. Ze zullen alzoo volmaakte mikpunten zijn* Vooruit maar, wij houden hen hier tegen, zoolang het ons goeddunkt. Pas op! Daar zijn ze, fluisterde Peter. En werkelijk teekenden zich in de blauwe avondschemering donkere schaduwen op den weg.

Met het zéker bewustzijn de vluchtelingen te zullen inhalen, haastten zich de ruiters niet. Twee aan twee voortrukkend* want de weg was niet breed genoeg om een andere formatie te kunnen aannemen, polsten zij voorzichtig het terrein. Weldra geraakte de spits der colonne aan het punt waar het pad, een weinig afhollend, in het water afliep. Tweehonderd meters nauwelijks scheidden hen van de hinderlaag.

Als we eens begonnen te vuren, stelde Krekel voor, het geweer tegen den schouder brengend. Maar de jager sloeg terstond het wapen neer.

Wacht, totdat ze nog vijftig passen verder zijn genaderd. De noodzakelijkheid om een doorwaadbare plaats te vinden en ons vuur te ondergaan, zal hen nog meer van de wijs brengen.

De opmerking was te steekhoudend, om niet terstond te worden begrepen. Onbewegelijk en zwijgend, bleef het drietal den vijand bespieden. Na een zeer kort oponthoud, waarbij de aanvallers onlderling~schenen te beraadslagen, namen de mannen die aan de spits marcheerden een besluit en zetten zij hun paarden aan. Onrustig en trillend van vrees onder den mart, stapten de dieren langzaam voort met hun hoeven het drassig terrein peilend. Vijftig meters werden aldus afgelegd, toen Peter plotseling den hacendado en den Parijzenaar influisterde: Vuur geven, Senores! Een oogenblik stilte, daarop drie losbrandingen, drie flikkeringen uit de zwarte biezen. Twee vijanden stortten uit den zadel; één paard, door een kogel getroffen, steigerde op zijn achterpooten en prompte verschrikt te midden van een breeden plas, die hoog opspatte om het beest. Onder de vervolgers ontstond tegelijkertijd een schromelijke verwarring. Zij, die zich aan de spits bevonden der 'colonne, beproefden tevergeefs een heenkomen in de achterhoede te zoeken. Edoch, Peter nam van hen geen

Sluiten