Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Al zijn die twee nog overbluft, Toch wordt er ijlings doorgetuft, Want 't jeugdig olifantgespuis Loopt hard en huilende naar huis; Straks komen zeker pa en ma En zetten d' auto achterna.

Men tufte dan, een week mag 't zijn, Toen kwam men in een zandwoestijn, Een filiaal der Sahara — Kijk dit maar op de landkaart na — Dat was me een hitte, sapperloot! Het zweet compleet uit 't lichaam spoot.

En dorst! Een elk dronk wel voor tien Zoodat men in een ommezien Al wat aan drank was meegepikt, Met snellen teug had opgeslikt; Toen dronk men, ja het is wel bar, Den peterolie van de kar.

Sluiten