Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

/• • i u -a • .Tnpn nu de vorst de blanken zag,

Naar 't midden van een dorp, een plein, Hij droeg een fraa.e leeuwenhu.d «Un mond een breede lach

Waarom wel vijftig tenten zijn. En ringen om elk arm en kuit . opperkok.

Brengt men het viertal met gejuich; En door ^^ZIZTZXL naast hem sLd in witten rok:

Toen was 't een algemeen gebuig , ; En had een slaghaard ,de hand. „Dat hebben we in geen tijd geproefd,

En trad er uit de grootste tent Dit was^de koning van deez stam, . ^

Een acht voet lange, dikke vent, De. machtige Majotobam.

Sluiten