Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(Bij de zitten mogen niet voorkomen zitten met zijwaarts gespreide beenen, en bij de af- of uitsprongen borst- of zijlings geen sprongen, waarbij beide beenen over beide leggers bewegen.)

2. Ringen.

Eén oefening in het zwaaien in hang aan gestrekte of in vlugtigen hang aan gebogen armen; het komen tot en het onderhouden van den zwaai door middel van aanloopen of afstooten; draaien voorwaarts of (en) achterwaarts om de lengte-as; neersprongen ook voorafgegaan door draai om de lengte as en gevolgd door nabewegingen. (Het totaal aantal opwaartsche zwaaien is ten hoogste 8).

3. Horizontale of liggende ladder.

Eén oefening, waarin voorkomt: aansprong tot strekhang ook vooraf gegaan door pasjes of sprongetjes; armbewegingen in den strekhang of strekhangzwaai • (ook voortbewegen met draai). De oefeningen zijn ook te onderbreken met vluchtige neer- en opsprongen met of zonder draai. (Het aantal bewegingen in hang na elkaar uit te voeren mag niet meer bedragen dan 8):

C. li Evenwichtsboom.

Eén oefening, bestaande uit:

a. een voortbewegend gedeelte, nl. een wijze van gaan ook te onderbreken met natellen en te combineeren met arm- of stokhoudingen (geen arm- of stokbewegingen);

b. een gedeelte uit te voeren in standen op beide voeten of deelen er van ook met een halven draai om de lengte-as, of in stand op één gestrekt been met verticale romp-houding.

(De boom ligt met den bovenkant 2,5 tot 3 d.M. boven den grond, hij heeft eene lengte van 5 M. en eene dikte van 1,5 tot 2 d.M.; wijzen van voortbewegen met hup(pen) of sprong(en) zijn uitgesloten).

Sluiten