Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een origineel, die vreemdeling," en de zonderlinge vreemdeling had de lachers op zijn zijde.

Zonder veel verbazing had ik John Laeken herkend. Ik drong naar voren, zei: r! ï

„Goeden avond, John. Wat spook jij uit?"

Verwonderd keek hij op.

„Wel allemachtig, cher maitre, ben jij hier ook? En hoe gaat het er mee ? Ga zitten. Heb je al gedineerd ?"

John is een Hollander, die te lang in het buitenland heeft gezworven om nog een zuiveren zin in zijn moedertaal te spreken. Overal brengt hij vreemde woorden te pas en mijn gesprek met hem is meestal een zonderling mengelmoes van Fransch en Hollandsen en Italiaansch, waar ook wel eens een Engelsche of een Duitsche uitdrukking in verdwaalt.

„Wat ben jij chic vanavond!" zei hij, op mijn smoking doelend. „Heb je een afspraakje?"

„Och nee, ik verveel me, had plan naar een theater te gaan. Zeg, die aap zal toch niet zijn staart in m'n soep kwispelen?"

„Nee, nee, allez, Moucky, Loucky, laat m'nheer met rust. Madonna mia, heb ik wat met die beesten te stellen!"

„Zijn ze zindelijk?" informeerde ik een beetje bezorgd, want een van de twee, of het Moucky of Loucky was durfde ik niet te zeggen, ze leken als twee druppels water op elkaar, één van de twee begon familiaar aan mijn manchetknoop te plukken, waarvan de glans hem blijkbaar verheugde.

„Dat zou ik denken; ze worden eiken dag met eau de quinine gewasschen en uitgekamd; steek je neus maar eens in hun pels."

Ik wilde er een opnemen, maar hij begon driftig tegen me te blazen en de witte haren naast zijn neus gingen breeder uiteenwaaieren,

John kon die onbeleefdheid van zijn aapjes niet verdragen. „Hè zeg, ben je klaar met die grappen ? Espèce d'enflé, voor-

Sluiten