Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Onnoodig je van die duels te spreken; tweemaal stonden we tegenover elkaar met de sabels groote winkelhaken in de lucht te hakken, de derde maal zag het ventje met het malle blauwe oog, dat trouwens al aan het bedaren was, kans mij de biceps door te slaan, 't Grapje kostte me een maand kliniek en een hoop massage daarna."

„En toen ?" vroeg ik belangstellend.

„Toen ben ik begonnen met voortdurend alle theaterbladen van alle landen te lezen om haar weg te volgen, en intusschen ging ik als een gek aan het zoeken om die aapjes te vinden. Als je denkt, dat dat gemakkelijk was, vergis je je. Overal ben ik geweest, in Parijs, in Londen, in Berlijn, in Hamburg, tot zelfs in Caïro, omdat iemand me verteld had, dat daar een bijzondere apenhandel was. Dien kerel, die me dien onzin vertelde, zal ik nog eens een hartig woordje zeggen als ik hem tegenkom. Je kunt je niet voorstellen hoeveel apen ik gezien heb, Van alle grootten, van alle rassen, van alle werelddeelen; ik was in die tijden beslist bang om op ze te gaan lijken, zóó was ik er in. En nu raadt je nooit waar ik ze gevonden heb: in Amsterdam! Ja, in Holland, in dat goeie Holland, waar ik in geen dozijn jaren geweest was. Daar zag ik op een goeien dag die beestjes in een kooi zitten achter de stoffige ramen van een klein winkeltje. Zal je toch overkomen! Nou, ik kocht er een half dozijn, om voorraad te hebben. Eén dag ben ik met die mormels in Holland gebleven en de politie moest er aan te pas komen. Natuurlijk! Ik ben nergens om die aapjes lastig gevallen, hoogstens heb ik fatsoenlijk bekijks gehad, zooals zooeven bij Biffi; maar in Holland vond men dat te raar, te idioot, vertikten kellners me te bedienen, smeten straatjongens me met vuil; enfin kwam de politie er aan te pas. Ik kom dan ook nooit meer in Holland terug, dat verzeker ik je."

„Kom, kom," zei ik, „er is veel goeds in ons land."

Sluiten