Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ben haar slaaf, haar hond, haar voetkussen geworden. Zij bleef op de planken, ik, als een bediende, reisde mee. Mn wijngaard had ik voor een prik verkocht en ze duldde me, omdat ik rijk was. Voor haar bestond er niets anders dan eiken avond geverfd en opgedirkt idiote liedjes te zingen voor het felle voetlicht, bloemen en briefjes te ontvangen. O, de ellende van dien tijd! Als ik tusschen de schermen, avond aan avond toe stond te kijken, me opvretend van jaloerschheid, me zelf vervloekend om m'n lafheid, m'n lamzakkerigheid, dat ik — de rauwe stevige kerel — waar ze op den rancio en in de kroegen voor gebeefd en gesidderd hadden, — ik, de self made man, die toch getoond had fut en wilskracht te hebben, me dit het welgevallen in m'n slaafsche liefde voor die vrouw.

Het duurde jaren, jaren van reizen en trekken van openlijke huwelijksbreuk door m'n vrouw, van twist en lafhartige verzoening, tot ten laatste het idéé fixe in me opkwam, dat ik die vrouw uit den weg moest ruimen. En dat heb ik gedaan, — ja man, ik heb een móórd begaan — rustig, met voorbedachten rade, — zooals je in alle kalmte een appel schilt of een sigaar opsteekt. In Mexico heb ik ze rustig vergif gegeven, was ze op slag dood en geen haan heeft er in dat apenland naar gekraaid. Het was goed, ze geloofden het wel, — een lijkschouwing hielden ze niet. Dat was in zekeren zin een ontgoocheling; — ik had gerekend op gevangenisstraf, een wettelijke boetedoening, — nu moest ik het met mezelf uitvechten. En dat was het verschrikkelijkste van alles. Was ik alleen dan begon ik zóó te piekeren en te tobben, dat ik het uit had kunnen schreeuwen en ik zocht verdooving in de afstompende omgeving, waarin ik de laatste jaren geleefd had, — het tingeltangel. Ik werd knecht, helper bij groote gezelschappen, trok van de eene plaats naar de andere, — het groote ellendeleven van het variété, dat niemand kent, die er niet in

Sluiten