Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zij zou hem veracht hebben, om zijn lompen en zijn naaktheid, en toch al wilde zij nóg zoo, zij kon het niet, maar voelde zich tot hem aangetrokken tegen haar wil. Want haar hart werd in haar binnenste ontroerd toen zij hem zag, en vage ingevingen van die vroegere geboorte, die zij vergeten was worstelden in haar ziel en trachtten uit hare diepten op te rijzen. En zij stond naar hem te staren in stilte, met oogen die naar hem keken maar hem niet zagen, als die van iemand, die naar de tonen luistert van een lang-vergeten stem, klinkende in de hal der herinnering, en hunkering en teeder berouw wakker roepende. En toen ziezoo staarde, goot zij een stroom van blauwe kleur over hem uit, van haar wonderlijk onzekere oogen.

En Umra-Singh keek naar haar, en de gansche wereld verdween uit zijn gezicht in een massa van blauw. En bij duizelde onder den slag van haar blikken, die hem genadeloos sloegen als een knuppel, en tijd en ruimte v oden van zijn ziel, die gevuld werd met kleur en tranen, en lachen en pijn, en hij hijgde naar adem. Want het zien van haar half-herinnerde oogen greep zijn hart vast, en deed het kloppen er van stilstaan als een ijzeren band. En in dat oogenblik rees voor hem op de droom-vrouw van den lotus-vijver, en hij wist dat het Shri was.

Zóó stonden zij daar, als schilderingen op een muur, starende naar e kaar, en tevergeefs tastende naar herinnering in het duister van vergetelheid als schaduwen in een droom. En toen, na een poos, kwam Shri tot zichzelve' En zij zeide dralend: En dus heb je het Land van de Lotus van de Zon gezien? Noem dan eens de bizonderheden er van op, en vertel me hoe je daar kwam.

Maar Umra-Singh stotterde en weifelde. Want haar oogen hadden hem van zijn verstand beroofd, en hij kon aan niets anders denken. En al zijn stoutmoedigheid was verdwenen en verlegenheid geworden, en hij stamelde, en sprak, niet wetende wat hij zeide, met een stem die haar dienst weigerde,

Sluiten