Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gezicht, en schoot door de mazen een fijnen glimlach, en zeide: Dan hebt ge ten minste nooit zulk haar als 't mijne gezien? En Umra-Singh voelde haar blik hem treffen als een bliksemstraal uit een wolk.

En hij zeide tot zichzelf: Dat mag ze wèl vragen, en nu, als mijn ziel niet reeds gevangen was in de lange wimpers van de oogen van Shri, zou zij gestrikt zijn als een kwartel in deze buitengewone massa van nooiteindigend haar. Maar hij zeide: Schoonheid, liefelijk is des nachts de hemel met zijn sterren, maar liefelijker nog de donkere blauwe zee, waarin zij weerkaatst zijn, want zij bevat al hun schoonheid, en voegt er nog een andere aan toe van haar zelve.

Toen was Ulupi zeer boos, en zij stond met flikkerende oogen, opgeblazen van woede. En plotseling bukte zij, en pakte haar haar samen in haar arm, en kwam op Umra-Singh af, en wierp het om hem heen als een net, en fluisterde in zijn oor, met lippen die het liefkoosden terwijl zij bewogen: O dwaze bij '), ik ben maar een lotus van den nacht: en toch, waarom mij te verachten, in vergelijking met de afwezige lotus van den dag? Die is warm en stoffig, en ik ben koel en geurig als de nectar van dien maan in wiens licht ik bloei. En Umra-Singh beefde. Want er kwam van haar haren een vreemde wind, als een wolk van de zoetheid van duizend geuren, die zijn ziel verlokte om te luisteren en te droomen in het in slaap sussende gemurmel van haar mond. En toen hij zijn oogen sloot van angst, zag hij vóór zich den blauwen spot in de oogen van Shri, en het geluid van haar lachen en het lawaai van de trommen en de stemmen van de omroepers dreunde gonzend in zijn oor, en verdoofde Ulupi's betoovering. En hij schudde zich vrij van haar haren, en zeide: Schoonheid, ik ben een Rajpoet van het ras van de Zon: wat heb ik te maken met een lotus van de Maan?

') In 't Sanskriet kan „bhramara" zoowel een bij, een minnaar en een zwerver beteekenen.

Sluiten