Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XI.

U gebeurde het in dien tusschentijd dat Maheshwara, toen hij door den hemel dwaalde met Parwati ') aan zijn borst, nederzag op de aarde, en Umra-Singh in 't gezicht kreeg, zwervende in het woud, weeklachten uitende, en uitroepende: O Shri, waar ben je je aan 't verbergen? Heb je, evenals de woestijn, geen medelijden met de antilope, die sterft van dorst naar het water van je

oogen? En onmiddelijk herinnerde hij zich zijn gift aan Kamalamitra, en begreep de geheele geschiedenis van het begin tot het einde. Daarom zeide hij tot Umé, met een glimlach: Ga nu naar je vader en wacht op mij: want er is een zaak die mijn aandacht vereischt. Toen zeide zijn gade tot hem op een liefkozenden toon: Wat is er aan de hand? Zeg het mij. Maheshwara zeide: Dat zal ik je later vertellen: nü heb ik geen tijd: ga nu. Toen ging de godin pruilende naar den Sneeuwigen Berg Maar de god met het maan-helmteeken daalde neder tot de aarde. En daar de gedaante aannemend van een askeet, trad hij het woud binnen. En, in

v»„ 1 H^fS HüW °f ^ K°niDg IV), is Parwati of Uma, dochter

van de Himalayabergen. Zie ook Koning Soerykanta Aanhangsel X.

Sluiten