Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

edelman. De dansen in dien tijd en nog tot diep in de 18de eeuw, waren enkel figuurdansen, geen rondedansen; men hield elkaar hoogstens bij de hand, en van het omvatten van eikaars middel was geen sprake. Toen de wals, uit Bohemen afkomstig, in 1750 ongeveer werd ingevoerd, riep men er schande van, zoo goed als later van de polka, en in onzen tijd van de tango.

Bij de memiet werd een serpentine gevormd door de groepen. De courante was nog deftiger, en werd de doktorsdans bijgenaamd. De Engelsche country-dance — met een domme klanknabootsing, die aan „appelflauwte" herinnert, verkeerdelijk in andere landen contra-dans geheeten — was eveneens afgepast en keurig. Horace Walpole, de fijne chroniqueur, Meed er op zijn ouden dag nog aan mee. De cotillon en de allemande waren evenzeer figuurdansen. Men danste in die dagen niet voor zichzelf maar voor anderen; van de entrée af tot de slotfiguur toe was alles sierlijk en rustig. De gavotte werd eveneens bijna plechtig uitgevoerd, evenals de quadrille. Uit dezen laatsten dans ontstond door overdrijving van sarabanden en capriolen de woeste cancan. In de „Beschreibung wahrer Tanzkunst" klaagt Johann Paschen, dat aan de edele kunst door „greuliche Abusus heutzutage mancher Tort und Schandfleck zugezogen werden".

Tegen de polka, die eerst ongeveer 1830 algemeen werd, is heftig geijverd. Men zag er nog meer verwildering in dan in de wals. De „Comic Almanac" van 1847 spreekt van de Polka-Plague.

De deftige oude dansen kenden zoo goed als de latere lichtzinnigere hun hartstochtelijke zeloten. Een zekere Lord Lanesborough was zoo'n liefhebber, dat hij op zijn ouden dag en te midden van hevige jichtaanvallen, placht te dansen. Pope dicht in zijn epistel aan Lord Cobham:

As neat, as earnest and as gravely out, As sober Lanesb'ro dancing in the gout.

Dezelfde oude heer vroeg een audiëntie aan bij Koningin Anna, toen haar gemaal, de Prins van Denemarken gestorven was, om haar aan te raden zijn voorbeeld te volgen, en te dansen om haar gezondheid te bewaren en haar leed te verdrijven.

Het is de vermelding waard, dat in dien tijd introducties op een bal onnoodig werden geacht. Elke heer kon elke dame ten dans noodigen, zonder aan haar voorgesteld te zijn. Soms wierpen de dames, als zij gingen zitten, haar waaier op een tafel; de heer, die ze opraapte, was haar partner.

Sluiten