Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

recht te doen wedervaren, maar ik vind het toch over het, algemeen interessanter, als men in deze een vondst doet, n± als een kunstenaar, die zich niet speciaal toelegde op dit werk, zulle een onderwerp heeft behandeld wijl het hem trof. Men krijgt dan werkelijk een geval van sport en spel in de kunst, en niet, de illustratie van sport en spel. Voor den sportsman is het laatste misschien belangrijker, niet voor den lezer en beschouwer met meer veelzijdige verlangens. Gesteld dat een kunstenaar door weinig kennis van de sport in kwestie, een incorrect beeld geeft van een spel, dan is zijn fout toch altijd nog opmerkelijker dan de juistheid van iemand, voor wien die juistheid geen verdienste is, omdat hij over alle faciliteiten beschikte om ze zich eigen te maken, en bij wien die juistheid de eenige deugd is.

Als men van goede sportprenten spreekt, denkt men wel in de eerste plaats aan Robert Seymour, die heel veel tafreelen van hengelaars, cricketers, paardrijders, roeiers in zijn seriën komische prenten heeft uitgegeven, aan Alken, aan Charles Ambrose.

Maar van de antieke kunst, met name die der Grieken, blijft in verhouding tot de plaats die de lichaamsoefening in het leven der Grieken innam, niet zoo heel veel te geven. De Attische kunst, verheven en ideëel van aard, legde zich voornamelijk toe op de afbeelding der goden en helden; de Peloponnezische heeft meer aandacht aan sport en athletiek gewijd, maar behalve dat zooveel verloren is gegaan, waarvan ons alleen de roep blijft, zijn de standbeelden en portretten der overwinnaars in kampspelen geen wedergaven van de sport zelf en dus voor ons doel niet zeer geschikt. Het is wel voornamelijk de indruk die de lichaamsbeweging en die de momenten van het spel op den kunstenaar hebben gemaakt, die ons hier interesseert

Nu zijn er bij de zomersporten en spelen, of om precieser te zijn bij de niet-wintersche sporten en spelen, verscheidene, waarbij de beweging gering of nauwelijks op te merken is. Het hengelen b.v. is niet zeer bewegelijk, de stoot tegen den bal bij het croquetten brengt niet veel spieren in beweging en is wel in slechts geringe mate een object van teekening. Het zwemmen, dat onder water geschiedt, wordt zelden, voorzoover ik kan nagaan, eenigszins demonstratief uitgedrukt, de handgrepen van het zeilen worden niet zoo vaak geteekend als de zeilboot zelf, het water en de lucht het onderwerp van afbeelding zijn. Waar wij het wielrijden geteekend vinden, is het vaak meer om de fiets dan om de beweging.

De meest elementaire en misschien ook wel de meest beoefende

Sluiten