Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VM.

De lichaamsgesteldheid van denlotelingbij ï V-erschll In welland (een be-' langrijk proef^'icnrift van fisnEnklaar).

Toen ik in 1908 tegen de kwade gevolgen van de sport begon te waarschuwen (eerst jn de schoolcommissie en daarna in een antwoord op een uitdaging van den Heer Hans, indertijd hoofdredacteur van „de Sport", thans nog altijd Sportredacteur van „de Telegraaf")sdeed ik zulks ten eerste op grond van ervarii^|j| t£j|'$k in eigen praktijk, dus in het klein, had opgedaan; maar ^tó^ndien stond mij toen reeds een afschrikwekkende statistiek te dienste, gepubliceerd door een Amerikaansch geneesheer Dfc, Coughlin, een ma^ die zélf zóó verzot is op sport, dat hij gaarne de nadeelen ervan aanvaardt! Deze statistiek was gebaseerd op de door een Amerikaansche levensverzekering-maatschappij verzamelde.. sterfte-i^Érs; er blijkt uit, dat'_voetballers, jockeys, worsteft^fj^ en dergelijken veel minder weerstandsvermogen bezitten daife|it| deren tegen allerlei acute infectieziekten (zooals: longontsteking, febris typhoidea, roodvpnk, diphtherie, influenza eriz.) en dat zi|^| vèèl meer kans loopen vroegtijdig aan tuberculose, nierziejlh^: hart- en daarmede-verhip hóu^ëf^ bloedvaatziekten te sterven., Dr. Coi|ghlin berekende, dat voor de sportbeoefenaren de kans* om aan hartverlaataing te sterven 2'/2 maal grooter is dan yoc^f anderen; aan nierziekten 6^jirocent, aan longontstek|fH£ tubet^ JSlÖse en febris typhoidea 25 °/0 meer; zijn conclusie mfjf^g ook: „i^laats van hun weerstandsvermogen te versterken, hebben zij het. verzwakt". *\, • ^^S^ffiÉBlSP^ : tiet is ï ongelukkig genoeg, dat ik mij ook reeds op een Nederlalilsche statistiek beroepen kan I'In 1910 promoveerde de arts Enklaar in. Utrecht tot doctor op een proefschrift, handelend

over de militaire statistieken; er blijkt uit,, dat ra de laatste jaren bij de jongetBS^die voor den dienst moeten opkomen, véél meer hartgebreken vóórkomen dan 20 jaren geleden; en de stijging is juist bij de 'jongens 'uit de z.g. welgestelde kringen het

grootst! ■ ■>" " ' '

A (WelgesteldeiÉÉran 6 per duizend tot 38 per duizend, ?ggfö

B (Tusschenklasse) van 7 per duizend tot 14 per duizend, - C (Arbeidersklasse) van 4 per duizend tot 13 per duizend.

Sommigen .hebben dit feit trachten te verklaren door er op te wijzen, dat er tegenwoordig beter gekeurd wordt; maar zélf heb ik-den ouden tijd als officier van gezondheid meegemaakt en den -nieuwen tijd ken ik even goed; ik durf die „verklaring" dan ook op grond van mijn ervarmg een „smoesje" te noemen, dat vermoedelijk bedacht werd door een sportaanbtdder, die lont rook! Mijns inziens ligt het voor de hand om bij het vernemen van een dergelijk schrikbarend statistisch gegeven, aanstonds te denken aan het niet te loochenen feit, dat vele jongelieden rich tegenwoordig afmartelen in plaats van te spelen '].

Welk een nadeeligen invloed de lichamelijke overspanning vooral op het hart en de bloedvaten uitoefent, is ten overvloede

ij Ook bij, de „padvinders" geschiedt zulks f Ik heb wel eens Jongens zien thuis komen van wandel- of fietstochtefi, die er méér dan erbarmelijk uitzagen: bleek en ontdaan of wel paars (door vermoeienis alleen of door daarmede gepaard gaande oververhitting, onvoldpWKje bloedcirculatie en zuurstofverwerking). Als een jongen onvoorzichtig te Werk gaat met de veer van zijn horloge, dan geeft een ouderwetsche vader hem dadelijk een »»*brander, en bij herhaling zelfs een opstopper, maar als een »tr<*P,el*jr! bij zijn jonge padvinders het hart, d.i. de veer van het leven, uitput, bijv. • .door een wandeltocht van 50 K.M. op één dag (historisch!) dan wordt daarvan met lof en waardeering gewag gemaakt in de krant! Dezer dagen hield de heer Koopman, Stichter-Directeur der Ned. Opera, Ui candidaat-Kamerlid van de neutrale partij een redevoering in een openbare vergadering; het volgende is er aan ontieend<i|Bp statistiek over de BBp jaren 1904 tot 1913 betreffende de afgekeurden voor de militie heefL -'aangetoond, dat. terwijl.net aantal-'afgekeurden in 1902 slechts 45» bedroeg, dit aantal in 19Ï3 was gestegen tot 18.624. En dit terwfl toch de lengte der menschen toeneemt! Onwillekeurig vraagt men llfi zich af, of het niet beter was wat meer aan lichamelijke ontwikkeling en ;«■ bevordering van sport te doen?"

Als de sport zoo nuttig was als de heer Koopman denkt, dan zou het aantal afgekeurden van 1902 tot 1913 sterk gedaald zijn!Oókdwaaltdelwer | Koopman als hij meerit, dat de toename vao^ lichaamslengte een teelten zou zijn van vooruitgang in kiacht en gezondheid.

Afgebeulde

padvinders. I

'* •**»' ■ ^ffiü^H

«a

Een averecht||g sche conclusie , van een aspirant-Kamerlid:

Sluiten