Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Naar zon van gerechtigheid de armen hoogheffend zijn wij gevallen die wilden haar om allen te warmen en stierven beseffend te sterven voor allen dood niet zoo zwaar.

Maar gij die leeft, die ademt, wier oogen schitt'reh als starren, wier wang gloeit rood — wat zult gij doen ? Zult gij gedoogen ? wee ons, zoo dit ware! Wee, vergeefschen dood.'

EEN VIERDE STEM-

Makkers in uw graven zijt stil-gerust; door ons lichaam smarten uw wonden; in onze aadren woedt ongebluscht honger die u heeft in den dood gezonden. Dat gij stil zijt geworden doet als' zpnnekracht de misten ringsom openscheuren; uw dood wekt leven, uit uw donkere nacht ontbloeit voor ons een licht gebeuren,

Sluiten