Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen nu tijding van een bloedigen Zondag kwam gevaren over de vlakte' en door der bergen hart, en die and're tijding haar inhaalde, als eenvgolf een golf, van den toorn onzer scharen zwellend in ooste' en westen overal, en dreigend opheffend de felle roode vaan van dén opstand, die meesters maakt wit, toen overstroomde een warme stroom, een springvloed van verlangen ons hart naar 't warme stralen der zon, naar d'aarde en haar groene velden, en naar de hooge schitterblauwe lucht. Verlangen dreef ons uit het levend graf. Wij voeren op: alle schachten zijn ledig. En varen niet meer neer, wij sterven liever, eer d'overwinning toelacht onze scharen, eer nieuwe vaan uitwappert over 't rijk, stralende, waarop staan geschreven onze grondwett'ge rechten en d'achturendag.

STEM UIT HET KOOR. Luistert.

EEN ANDERE STEM. Verheugt u.

EEN DERDE STEM. \

Verheugt u.

EEN VIERDE STEM.

Vat moed.

De drommen die zwoegen in duistere schachten,

de verdoemden die geen zon begroet,

de langverstikten in slaafsche gedachten,

de dragenden somberte en dood door 't bloed,

zij wier oogen in^ schuwe vertwijfling zagen diep in hun verwilderd gelaat komen en gaan de jammerdagen,

Sluiten