Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN TWEEDE STEM.

Geert acht nu. DE DERDE STEM.

De makker gaat spreken. Hem zonden de drommen uit het land der nood, waar de lippen verdorren en de wangen verbleeken lang vóór de kus van den trooster dood.

Lang hield doornengerank hun zielen omwonden;

vertwijfelings zwaarte verlamde hun voet...,

O dat zij nu zich loswinden konden

en verwinnen de wanhoop die maakt klein den moed.

DE EERSTE STEM.

Luistert.

DE TWEEDE STEM.

Weest stil nu. DE DERDE STEM.

De makker gaat spreken.

EEN VIERDE STEM.

Ziet: door zijn oog breekt een nieuwe gloed.

DE AFGEVAARDIGDE DER FABRIEKSARBEIDERS.

Ellende was door alle levensdagen .

onze gezellin. Wij hadden nooit brood

genoeg, te stillen eeuwig-gragen honger.

Gebrek schraapte van onze beend'ren 't vleesch

en schrapte 't merg uit onze weeke botten.

En toen wij vaders werden en moeders,

sneed 't hongerkrijten onzer kleinen ons

door 't hart, als ons hongergekrijt gesneden

door 't hart had onze ouders, toen wij klein.

Wij kenden nooit voor morgen zekerheid.

Leven stond tegenover ons altoos

met den valschen grijns van schuldeischer,

dié ons, belieft het hem, morgen kan jagen

Sluiten