Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wier grootmachtige moedige zonen

zich koest'ren in 't licht, dat Leven heet. ^ï'üVji

Heilgedachte aan alle dapp ren en wijzen

die wrochten dat menschheids gang opwaarts' zou gaan:

dat zijn de bloeiende paradijzen

waartoe onze dooden zijn ingegaan.

EEN ANDERE STEM.

. (Een man uit het koor treedt naar üoren en wijst naar de

'eerste baar, waarop de gestalte Dan een grijsaard ligt uitgestrekt).

Wie was hij ? zeg ons zijn werken,

verlicht ons zijn baan;

doe zijn leven met ruischende vlerken

langs ons heen gaan.

Laat maag of makker, laat vrouw of vrind zeggen wat hij is geweest, dat herinn'ring zijn beeltenis wedervindt in een nis van den geest.

EEN JONGE VROUW (komt naar voren uit het koor; zij

knielt neder bij de baar en strooit er bloemen op). Vader die waart door de jaren gekropen als door zonlooze gangen van donk'ren nood, in 't lest ging de bloem-des-levens u open, nog heerlijk open in 't uur van den dood. O bevende handen, die hielpt op te tillen den zwaren steen die ons d'adem smoort; oud, traag-kloppend hart, dat zijn weinige, kille sappen voeldet worden bij 't vrijheidswoord als het bloed van den jong'ling, licht en warm van drang zich te geven, voor makkers heil zich te geven, — wij komen, uw handen naar vrijheid geheven te omkransen, wij komen met bloemen van zang uw oud hoofd, waarin suisde jong vrijheidsgezoem te omwinden met dank en te kronen met roem.

Sluiten