Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op den nek van de menigte, bevelend

haar her- en derwaarts als het hun belieft.

Daar zijn geen meesters, geen knechten: daar heerscht

de massa over zichzelve. Geen vreemde

hand verwringt er of stuit haar wil. Wij leiders,

wij zijn de mond, die wat het hoofd >der massa ï'

denkt, haar hart klopt, uitbeeldt in klare spraak;

wij zijn de hand die wenkt, naar haar geweten J (^ffi

te wenken maant,'— wij zijn het oog, dat spiegelt

wat haar diepste diepten beweegt. En wie

dat het klaarst spiegelt en 't standvastigst, loonen

de makkers met rijksten oogst hunner liefde

en trouw. — O zaligheid, hen voor te gaan

ten strijd, te voelen hoe zij kracht uitstorten

in ons, die weder te storten in hen,

te voelen zwelle' ons lijf van 't schoone leven ,

dat zij plantten in ons, en hun te baren

het stralend kind vlamoogig enthousiasme V"»'*

door henzelven geteeld.... Mijn kameraden,

is er niet een van u die kan uitspreken

wat gij en wij .elkander zijn ?

STEM UIT HET KOOR (Een man treedt naar voren). Gij kunt ons van hen, gij kunt hen van ons niet scheiden : Zij en wij zijn één in blijvende ondeelbaarheid, als van een penning één zijn de beide zijden; hun woorden en onze daden maken samen den strijd.

Onze leiders, zij zijn de spiegels, de klare waarin weerstraalt de gloed van onze vlam; zij zijn de glanzende-ruischende blaren waartoe heendringt het sap uit ons, den stam.

Wij zijn de stam en zij zijn de ruischende twijgen van den sterken boom, 't strijdend proletariaat; wij zijn eikaars deelen, wij zijn eikaars eigen, wij zijn één kracht, die niets uit elkander slaat.

Sluiten