Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KOOR.

Wee, wee, wee.

BEWAKER (tot de veroordeelden).

Gij kunt van uw gezellen afscheid nemen

Maar kort......

MARIA.

O kameraden, kon ik uit mijn borst

de zoete gaaf der hoop 'mij tot niets nut

in 't onbewuste waarheen ik nu ga, 7 <

rukke' en haar overplanten in uw hart!

Kon ik haar als een vogel in een kooi,

die in mij kweelt zoo zoete wijzen door

de holle nacht, doen uitvliegen en zien

zittend boven uw hoofden, gietend zachte

lafenis in uw gretig-drinkend hart!

Dan zou ik scheiden in geen and're pijn

dan lichte weemoed om het scheiden zelf,

maar nu woelt zulk een kramp van smart door mij

als ik niet kende en nooit te kennen dacht :

u verlaten, in bitt'ren nood verlaten

van broederschaps streeling en zachte kus !. . .

EEN STEM UIT HET KOOR.

Maria weent. . . .

EEN ANDERE STEM.

Zij weent om onze zwakheid....

MARIA.\

Ik zie tusschen u vele aangezichten waarin wanhoop de klare bronnen heeft verzengd der mensch'lijkheid, en het gemoed gemaakt gelijk woestijnzand heet en droog. Ik zie trekken in bloed'ge wraakgedachten grimmig verstijfd ; op menig voorhoofd zie

Sluiten