Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in het oog worden gehouden, dat velen dezer menschen van de hand in den tand leven of op den rand der armoede, zooals men ook wel zegt, zoodat zij ook dagelijks, zonder dat zij werkloos zijn, hun inkomen moeten aanvullen door giften van instellingen van weldadigheid of particulieren. Een zedelijke en psychologische factor waarmede rekening moet worden gehouden, omdat hij van invloed is op het weerstandsvermogen van den arbeider tegen de bedelarij.

Een algemeen kenmerk is ook de trek van arbeiders uit plaatsen en streken, waar werkloosheid of een gedrukte conjunctuur heerscht, naar de groote steden en industriecentra. Ik heb dit elders uitvoeriger ontwikkeld x), en wensch hier alleen te wijzen op de gevolgen van een ongeregelden trek van werkloozen en sociaal zwakken naar bepaalde plaatsen of streken t. w. verval tot armoede, bedelarij en landlooperij.

De ontwikkeling van het verkeer maakt het mogelijk dat de arbeiders der moderne groot-industrie zich gemakkelijk verplaatsen. Wijziging in de economische conjunctuur veroorzaakt immer een verplaatsing van arbeidskrachten, vooral in de onderste lagen der arbeidersbevolking, die het minst sociaalkrachtig zijn. Zoo verplaatst zich ook gemakkelijk en snel de armoede van de eene plaats naar de andere. Wij kennen vandaag nog geen orgaan, dat hier regelend optreedt. De arbeidsbemiddeling registreert slechts gedeeltelijk de intercommunale en internationale verplaatsing van arbeiders, zij overziet nog geenszins de „markt van vraag en aanbod" van „werkkrachten".

De armenzorg staat ook nog bijna geheel vreemd tegenover het verschijnsel van de massa verplaatsing van armen. Plaatselijk geregeld als zij is — om van de bakens die niet gemakkelijk verzet worden nog maar te zwijgen! — dreigtzij zelf een onderscheid te maken tusschen „poorters" en „vreem-

1) „De vestiging van armlastigen of spoedig armlastig wordende personen in andere gemeenten in het algemeen en in het bijzonder inde Limburgsche mijnstreek."

Inleiding gehouden in de vergadering van de Algemeene Armencommissie met de Voorzitters en de Secretarissen der Armenraden te Utrecht op 30 April 1919. Zie Tijdschrift voor Armenzorg.

Sluiten