Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaan man of vrouw zelf bedelen of sturen zij de kinderen van deur tot deur om te vragen. Wij hebben hier te doen met gelegenheidsbedelaars, die in het openbaar bedelen. Men ziet haar vooral beoefenen door vrouwen of kinderen. Hier zijn het zedelijke en psychologische factoren die de bedelarij veroorzaken. Immers de man had loonend werk; het inkomen is voldoende om het gezin een menschwaardig bestaan te verschaffen, doch het wordt niet doelmatig aangewend.

In dit verband wénschen wij, zij het ook terloops, te wijzen op de gevolgen van een benepen of ondoelmatige armenzorg in gevallen, dat werkelijk onschuldige armen worden afgewezen of onvoldoende onderstand ontvangen. Er zijn immers gevallen — en ik heb hier vooral het oog op groote gezinnen van losse werklieden — dat het loon niet toereikend is om het gezin een menschwaardig bestaan te verschaffen of wel kunnen uit het loon in gevallen van ziekte onder de gezinsleden of wanneer buitengewone uitgaven (b.v. aanschaffing van beddegoed, kleeren of noodzakelijk meubilair) zijn te doen, de kosten niet worden bestreden. Biedt de armenzorg aan zulke gezinnen niet de helpende hand, dan vervallen zij gemakkelijk tot armoede en nemen — wat heel goed te begrijpen is — ten slotte hunne toevlucht tot de publieke liefdadigheid. Man en vrouw worden gelegenheidsbedelaars en allengs gaan de kinderen denzelfden weg op, al bedoelen de

ouders het ook nog zoo goed want het zijn sterke bee-

nen die de armoede kunnen dragen!

Onder de bedelaars nemen de zwervers — ook de zwervende

bedelaars die leven in woonwagens en woonschepen een

afzonderlijke plaats in. Zij zijn meestal gansch verpauperd en reageeren in het geheel niet meer op het werkwoord: arbeiden. Daarbij komt dat deze menschen zich geheel vrij en ongebonden gevoelen, aan geen vaste woonplaats, waar familieof andere banden hen aantrekken, zijn gehecht, in het kort: een soort nomaden zijn geworden. Deze zwervende bedelaars, hetzij zij onder den blooten hemel of in logementen, dan wel' in woonwagens of woonschepen huizen, reken ik totdewerkschuwen.

Deze werkschuwheid wordt vooral door zielkundige en zede-

Sluiten