Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoodat het den arme stoffelijk aan niets meer ontbreekt, het zedelijk tekort, dat met de armoede ontstond, zal zij niet vermogen aan te vullen, wijl haar de kracht der liefde, die den menschen leert zich zeiven te geven, ontbreekt.

Een geestesziekte ontstaan door lichamelijke ontberingen wordt in den regel niet genezen door de maag, doch de psychiater zal middelen toepassen, waarop de kranke hersenen reageeren, zoo leerde reeds lang voor ons de grootmeester der physiocraten.

De armenzorg is dus in de eerste plaats taak van de natuurlijke personen en van de Kerk; wij zouden dit niet alleen met bewijsgronden aan het natuurrecht ontleend kunnen aantoonen, doch evenzeer op historische gronden; terwijl de ervaring heeft aangetoond, dat de kerkelijke armenzorg in wezen volledig is wijl zij alleen het gansche samenstel der menschelijke behoeften — stoffelijke en geestelijke — vermag te omvatten.

Volgens veler opvatting is daarom armenzorg der Kerk en van de bijzondere personen primair en de Staatsarmenzorg secundair.

Dezelfde gronden ontleend aan het natuurrecht, die voor de bijzondere personen — a fortiori de Kerk als de beste armenverzorgster — gelden n.1. om hunne arme evenmenschen hulp te bieden, bestaan voor den Staat, indien de natuurlijke personen en de Kerk te kort schieten in hunne plichten of onmachtig zijn om een gedeelte der armenzorg — ik doel hier op de stoffelijke hulp — uit te oefenen.

Waar dit het geval is zal de Staat in de eerste plaats aanvullend moeten optreden. Hij zal moeten medewerken, opdat de armenzorg, die in eerste instantie hulp moet brengen, hare krachten kan ontplooien over het uitgebreide veld der armenzorg en zich kan vervolmaken. '

Op dezen rechtsgrond steunt m.i. de eisch, dat de Staat door een stelsel van subsidies of bijdragen de particuliere en kerkelijke armenzorg dient te ondersteunen.

Daarnaast zal de Staat door een stelsel van openbare armenzorg hulp moeten bieden aan de personen, die om bijzondere redenen geen hulp kunnen of willen ontvangen van de kerkelijke en particuliere armenzorg.

Sluiten