Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ad 3. Wanneer de armenzorg goed werkt, de sociale verzekering en vooral ook de werkloosheidsverzekering en wat daarmede samenhangt goed is geregeld, dan bestaan er m.i. geen motieven om de voordeur- en straatphilantropie, die vooral dóór beroepsbedelaars en handige oplichters wordt uitgebuit^ ongestraft te laten.

Komt een arme hulp vragen bij zijn evenmensch, dat men dan, na onderzoek, voor zooveel noodig hulp biede — doch dat men dan ook meer doe dan bloot geven en dat men, zooals Dr. Schaepman het reeds in 1898 op het gouden feest der St. Vincentius-Vereeniging te Arnhem kernachtig uitdrukte, gaat als mensch tot mensch, als Christen tot Christen; men zoeke den arme op en trachte mede te leven en mede te voelen in zijne nooden en brenge troost en zedelijke opbeuring en niet brood alleen. Als deze waarachtige liefdadigheid, die ook Mevr. Muller—Lulofs in haar werk „Van mensch tot mensch" als de ware armenzorg prijst — wordt beoefend, behoeven we niet te vreezen, dat door het tegengaan van het maar lukraak geven aan de deur de liefdadigheid, hetzij dat men ze met mij beschouwt als Christelijke deugd of van rationalistisch standpunt als menschelijk maaksel, zal worden belemmerd in hare uitingen of in hare werken.

En daarom meen ik, dat, waar zooveel en zoo dikwijls aan de deur wordt gegeven zonder onderzoek, hetzij omdat een handig bedelaar of bedrieger armoede voorwendt of het medelijden weet op te wekken, hetzij omdat men geeft om van den last van den arme af te zijn, of wel uit verkeerd begrepen liefdadigheid, wijl men meent dat alle geven goed is of zooals ook gebeurt, omdat men weldadig wil schijnen en geeft uit menschelijk opzicht of om zijn eigen „ik" te streelen — dat in de meeste dezer gevallen meer kwaad dan goed wordt gedaan, omdat daardoor bedelaars, landloopers, bedriegers en sluwe oplichters in hunne onwaardige practijken worden gestijfd en gesteund.

Daarom bepleit ik een verbod tot het geven zonder onderzoek van aalmoezen aan de deur.

Bij het constateeren van bedelarij zal ook, indien een aalmoes werd gegeven, de persoon van den gever in het procesverbaal

Sluiten