Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bedoeld is in de uitdrukking pamalayu. — De berichten der Maleiers over de veroveringen van Majapahit; de Kroniek van Pasay en de Sajarah Malayu, Hoofdstuk II, III, IV en X. — Een lacune in den tekst van de Pararaton. — Waar de dood van de prabhu istri I in de Pararaton vermeld wordt. — Zij heeft de regeering neergelegd bij den dood der Rajapatni.

Hoofdstuk X. (Bl. 28 reg. 29—bl. 30 reg. 25) Bl. 157.

Hayam Wuruk, . als koning Bdjasatiagara en Sang hyang Wëkasing .sukha, Qaka 1272—1311.

Aant. Hayam Wu*uk's namen. — Het bhatdra prabhu in den tekst. — Rajasanagara in de oorkonde van Qaka 1295. — Hyang wëkasing sukha in de Arjunawijaya eri Rajasarajya in de Sutasoma. — Ranamanggala. — De Chineesche berichten, die over deze regeeringsjaren loopen. — Nogmaals de gelofte van Gajah mada, nu in verband met de pasunda, de padompo, en de verovering van Palembang, welke laatste eerst in 1377 A. D., na den dood van dien patih plaats heeft. — Rajasanagara's regeering het toppunt van den bloei van Majapahit; spoedig daarop volgende onderlinge oneenigheden. — De geslachtsboom, de methode volgens welke hij werd opgezet. — Bijzonderheden over de leden van het koningshuis. — Het restant namen in de laatste hoofdstukken van de Pararaton. — De Bhre Daha's.

Hoofdstuk XI. (Bl. 30 reg. 26—bl. 30 reg. 34). . . . B1- 175-

Hyang Wigesa, als koning Aji Wikrama, Qaka 1311—1322.

Aant. Hyang Wicesa.— Zijn recht op den troon.—vHet'rijk vermoedelijk door Rajasanagara tusschen zijne kinderen verdeeld. — Hyang Wëkasing sukha II. — Bhra Hyang Wicesa wordt bhagawdn.

Hoofdstuk XII. (Bl. 30 reg. 35—bl. 31 reg. 28) Bl. 177.

Dewi Suhitd, als koninpin Bhatdra istri, tezamen met Hyang . Wigesa, Qaka 1322—1351.

Aant. De prabhu istri II. — Hyang Wicesa weer op het tooneel. — Bhre Wirabhünii. — De kadaton kulon en de kadaton wetan. — De Chineesche berichten over de parëgreg. — Deze parégrép het feit, waarop de Damar wulan-legende gebaseerd is. — De Bhre Daha, die Bhre Wirabhumi tot zoon aannam. — Hyang Wicesa is blijkens de Chineesche berichten werkelijk weder aan het bewind geweest. — De Chineesche berichten gedurende de jaren van dit hoofdstuk in verband met Borneo en Palembang, als onderhoorigheden van Majapahit. — De Sajarah Malayu, Hoofdstuk XIV, en de vorsten van Malaka.

Hoofdstuk XIII. (Bl. 31 reg. 29—,bl. 31 reg. 38). . . . . . . Bl. 189.

Dewi Suhitd alleen, Qaka 1351—1369.

k Aant. Afwijking van de eerste Pararaton-editie. — De prabhu istri is Suhita. — De betrekking der vorstin tot Bhre Wtrabhümi. — Het begraven in één heiligdom van Paramecwara II met de prabhu istri II, en van

Sluiten