Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pahit het meest op aankomt, den tijd waarin het gesticht werd, juist op dat stuk bestaat er slechts een zeer gering verschil, daar algemeen wordt erkend, dat Majapahit het laatste der groote rijken was vóór de invoering van de Islam op Java, en men den tijd van het ontstaan er van toch taliter qualiter steeds om en bij dien, welke de Pararaton ons verplicht daarvoor aan te nemen, wil gezocht hebben ').

Wanneer wij hier dan eerst ook nog even in 't kort verhalen, wat men door de Javanen over die stichting verteld vindt, dan is dit alleen om daardoor de aandacht te kunnen vestigen op eenige merkwaardige punten van overeenkomst, welke er tusschen die Javaansche traditie en die van de Pararaton bestaan.

Cri pamëkas, d. w. z. Z. M. de laatste vorst (van Pajajaran), zoo verhalen de babad?*, had drie zonen: Arya Bangah, Raden Susuruh en een door een ajar op bovennatuurlijke wijze bij een sëlir van den vorst in het leven geroepen zoon, die opgevoed wordt, door een paar oude luidjes, die hem, nadat men hem de rivier had laten afdrijven, tot kind aannamen. Deze laatste heette eerst Siyung wanara, doch kreeg, nadat hij, groot geworden, weer bij zijnen vader terecht en in dienst was gekomen, den naam Banak wide. Arya Bangah werd koning in Galuh, en Raden Susuruh zou zijn vader opvolgen. • Banak wide weet zijn vader evenwel gevangen te nemen, en verslaat Raden Susuruh, die dezen te hulp wil komen en verlossen. Raden Susuruh vlucht naar het oosten, en wel eerst naar Kali gunting. Daar vindt hij een onderkomen bij een weduwe, die hem tot kind aanneemt, en die drie zonen had: Ki Wiro, Ki Nambi, en Ki Bandar. Als Raden Susuruh gevlucht is, vaardigt Arya Banak wide een bevelschrift uit, dat niemand hem huisvesting mag verleenen, en wel onder bedreiging met de doodstraf. Als dit bekend wordt, gaat Raden Susuruh verder. De weduwe en, hare zonen verlaten hem niet. Over den berg Kombang, waar aan Raden Susuruh voorspeld wordt, dat hij recht oostwaarts gaande een maja-hoom vinden zal met bittere vruchten, en hij wordt aangespoord daar een stad te stichten, bereikt hij de plaats, waar hij Majapahit laat verrijzen. Daarna verjaagt Banak wide ook zijn broeder Arya Bangah uit zijn rijk. Raden Susuruh trekt nu tegen Pajajaran op. Er heeft een gevecht plaats, tusschen Raden Susuruh's en Banak wide's troepen, doch in het eind besluiten de beide prinsen, Raden Susuruh, die als vorst van Majapahit den naam Bra Wijaya had aangenomen, en Arya Banak wide (alias Siyung wanara), samen Java te deelen 2). v

1) Men zij slechts herinnerd aan de cijfers door Raffles medegedeeld in zgn Hist. of Java, II, bl. 85 (1301), bl. 86 (1158), bl. 87 (1221), alles in inlandsche jaartelling. Men zou hier nog andere jaartallen nevens kunnen plaatsen, doch het zou van geen nut zijn ze te verzamelen of ze te gaan zoeken. Over de geschiedenis van het rijk volgens de Javanen vindt men beneden nog eenige nieuwe mededeelingen.

2) In de door Meinsma uitgegeven proza-omwerking van een babad (1874), wordt slechts verteld, dat Raden Susuruh Pajajaran teniet doet. Voor hetgeen men hier in den tekst leest, zie men bijv. Raffles, Hist. of Java, II, bl. 108. Andere bijzonderheden künhen hier onvermeld blijven.

Sluiten