Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij verzocht den vorst zijn këmitan ') af te leggen. Dit deed deze, het naast zijn bed leggende. Nu sneed Tanca (nog eens), en het ging goed, maar tjêvens *) doorstak hij den vorst, zoodat deze in zijn bed stierf. Tanca werd daarop dadelijk door Gajah mada van kant gemaakt. Tusschen de geschiedenis met Kuti en die met Tanca liggen negen jaar; (de laatste had plaats) in Qaka 1250.

Hij (Aji Jayanagara) werJ^rJijgezet te Kapopongan, dat den naam Qrnggapura kreeg, in de maand (Was)anta (?)

Daarna betraden de ksatriya's Majapahit weder. Raden Cakradhara was de keuze van Bhreng Kahuripan bij haar swayambara, en werd haar man. Raden Kuda mërta huwde met Bhreng Daha. Raden Kuda mërta stond te Wëngkër, (en is dezelfde als) Bhreng Pramicwara van Pamotan, die ook Qri Wijayarajasa heette. Een zoon van Raden Cakradhara, 'Cri Kërtawardhana, stond te Tumapël 4).

AANTEEKENING.

[De Aanteèkening op dit hoofdstuk opende in de eerste editie met een beschouwing over de troonsopvolging door Jayanagara als zeer klein kind in 1217. Er werd daarbij de aandacht gevestigd op het vreemde feit, dat men van hem reeds dadelijk gesproken vindt als van een regeerend, zelfbewust optredend vorst. Het geval heeft niets bevreemdends meer, sinds men door Poerbatjaraka'S bovenaangehaald opstel in Tijdschr. Bat. Gen. 56 (1914) bl. 143—148 weet, dat Kërtarajasa eerst in 1231 overleden' is, en Jayanagara dus de regeering aanvaardde op vijftiénjarigen leeftijd. Ook de in het begin van het hoofdstek vermelde opstand van Rangga Lawe moet in 1231 hebben plaats gevonden5); het tijdstip onmiddellijk na Kërtarajasa's dood lag daarvoor ook het meest voor de hand. Wij zien verder, dat blijkens de sëngkala het jaartal 1222 van de geschiedenis met Sora (bl. 25, reg. 23) 1233 moet zijn (zie noot 2 op bl. 126). Verder staat opgeteekend, dat de uitbarsting van (den) Lungge in 1233 plaats had, toen, Jayanagara twee jaar koning was, en dat de geschiedenis met den juru dëmung in 1235 twee jaar later viel dan die met Sora. Dat alles klopt precies; het is niet noodig om die twee jaar met Brandes telkens in twaalf jaar te veranderen, en het jaartal 1231 als dat van Jayanagara's regeeringsaanvaarding wordt er door bevestigd.

In verband met dit. verhelderd inzicht in den gang der gebeurtenissen zou Brandes' beschouwing terzijde gelaten hebben kunnen worden. Hetgeen hij echter mededeelt, vooreerst om te bewijzen, dat Jayanagara in 1217 nog zeer jong was °),

1) Veiligheidskleed? — J.: amulet (V. d. T.). — P.: talisman (jimat).

2) J.: daarenboven.

3) Dr. II. üjajadiningrat (stelling proefschrift, 1913) vert.: gelegen te Antavrulan. •4) Kern, Nag. bl. 32, verbetert: Raden Cakradhara kreeg een kind, terwijl hij te

Tumapël met den bijnaam Z. M. Kërtawardhana resideerde.

5) De 17 jaar tusschen dien opstand en Ciwabuddha's bijzetting (bl. 25, reg. 5) worden door Poerbatjaraka verklaard, door die bijzetting in 's vorsten doodsjaar, dus 1214, te stellen.

6) Uit Nag. 47:2 blijkt, dat Jayanagara juist in 1217 den titel ontving van vorst

Sluiten