Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1216, was Raden Wijaya .= Kërtarajasa'gehuwd. De eerste gaping in het stuk moet dus iets bevat hebben, waarin deze verhoudingen werden aangegeven in 't Hollandsen: Wisnuwardhana's achterkleindochter, Kërtanagara's kleindochter, enz. "En aangezien hare moeder, als zijnde een dochter van Kêrtanagara, niet was de MaleiBche prinses Dara pëtak, was de in het opschrift aangetroffen vorstin inderdaad een der beide halfzusters van Jayanagara. Ook is duidelijk welke.»2ij was iemand die in betrekking stond tot Kërtawardhana en kan dus niemand anders geweest zijn dan de Bhreng Kahuripan, die volgens de Pararaton in 1250 prabhu werd, en dus hier opnieuw, en van een andere zijde, blijkt niet te zijn geweest de weduwe van Kërtarajasa, Kërtanagara's dochter, die dien naam ook droeg, maar zijne dochter, zie bl. 24, reg. 37 2).

De tweede dame, die genoemd is, staat over Daha en zou dus Jihreng Daha kunnen wezen. Ook de naam van haren gemaal wordt genoemd, Wjjayaraja(sa), dat is Pramicwara ring Pamotan, d. i. raden Kudamërta, d:i. ook in de Pararaton de gemaal van die Bhreng Daha, welke in één adem te noemen is met de Bhreng Kahuripan (die. ons dit opschrift deed weten, dat Jayawisnuwardhani heette), dus de tweede halve zuster van Jayanagara, en weer niet zijn stiefmoeder van dien naam 3).

De derde vrouwelijke persoon heet slechts de gemalin van Kërtarajasa. Daar het niet wel te denken is, dat, zoo deze dame de moeder was van een der beide voorafgaande vorstinnen, dit er niet bij vermeld zou zijn, te meer daar althans de moeder van Jayawisnuwardhani een dochter van Kêrtanagara was, zoo ligt het voor de hand er de ons reeds bekende bini haji in te zien, die de moeder was van den voorafgaanden vorst Jayanagara, den halfbroeder van de thans regeerende vorstin 4).

En ten vierde, is het na het voorafgaande duidelijk, dat de gaping in het gedeelte, waarin men Hayam wuruk's naam aantreft, aangevuld moet worden tot bhatdra gri rd(jasanagaran)dmardjdbhiseka.

Trouwens nauwkeurig toegezien vertelt ook de oorkonde, dat deze vier personen tot elkander in een familierelatie staan, als door de Pararaton is aangegeven.

De twee eerste dames toch komen er voor als hadden zij gelijke rechten en als waren zij gelijkgradig (zusters), zij geven beiden onafhankelijk van elkander

1) Deze was haar echtgenoot, zoodat Kern (Nag. bl. 31 sq.) de lacune aanvult met Mahdr&jni sahacarita.

2) Sedert is ook uit een tweetal inscripties de „kleine naam" dezer vorstin gebleken; zij heette GÜarjja. Zie Oudh. Versl. 1917, 2, bl. 48 en 19*8, 3, bl. 108.

3) Haar vorstennaam blijkt volgens Nag. 4:1 Rajadewi te zijn, zoodat deze naam ook in de lacune hersteld moet worden, zie Kern 1.1. bl. 33.

4) Dit is onjuist gebleken; de vorstin in kwestie is de beroemde Rajapatni, jongste der met Kërtarajasa gehuwde dochters van Kêrtanagara. Deze regelde bij Jayanagara's dood de troonsopvolging, daarbij de regeering, die zij als Buddhistische non zelf niet uit kon oefenen, overdragende op haar dochter. Zie over haar Nag.-aant. bl. 246—249.

Sluiten