Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bhre Lasëm III (29), f 1323, bl. 30, reg. 37; Bhre Kahuripan III (30), f 1323, bl. 30, reg. 37;

Bhre Pandan salas I (40), f 1323, bl. 31, reg. 1 '). Vervolgens is vermeld het overlijden van

Hyang wëkasing sukha II (46), f 1321, bl. 30, reg. 31;

Bhre Tumapël II (a) (37), en wel jong, immers een jongere broeder van hem, Bhre Tumapël III (b) (39), draagt denzelfden naam als hij, bl. 30, reg. 3 en 4;

Dewi Suhita, prabhu istri II, (38), f 1351 2), bl. 31, reg. 28;

Bhre Tumapël III (b) 3) (39), f 1349 4), bl. 31, reg. 24;

Bhre Pakëmbangan (32), bl. 30, reg. 9, hij sterft op de jacht;

Bhre Mataram II (33), f 1338, bl. 31, reg. 21;

Bhre Lasëm IV (34), f 1355, bl. 31, reg. 31;

Bhre Matahun II (35), f 1338, bl. 31, reg. 21;

Bhre Koripan IV, Hyang Paramegwara II (47), t 1368, bl. 31, reg. 35; Bhre Lasëm V (48), nergens; en dat van Bhre Daha III (49), f 1338, bl. 31, reg. 21.

Bij het nagaan van de huwelijken der laatste personen, te beginnen met Hyang Wëkasing sukha II (36), kan de na dezen genoemde Bhre Tumapël H (a) (37), (hoewel het niet zeker is, dat het ten onrechte geschiedt, zie beneden bij Hoofdstuk XIV) buiten beschouwing worden gelaten, omdat hij jong stierf, en er verder slechts kinderen van één Bhre Tumapël worden opgegeven, bl. 30, reg. 12—16. Wat de anderen betreft, van dezen bleef

Hyang Wëkasing sukha II (36) ongehuwd; huwde

Dewi Suhita, prabhu istri II (38), met Bhre Koripan IV, Hyang Paramegwara II (47), bl. 30, reg. 6;

Bhre Tumapël III (6) (39), zooals verondersteld mag worden met Bhre Lasëm IV (34), bl. 30, reg. ll'5); Bhre Lasëm-V (48), bl. 30, reg. 7, en, wat zeker is, met Bhre Daha III (49), sama pamungsu, bl. 30, reg. 8; bleef • Bhre Pakëmbangan (32) ongehuwd; doch huwde t§§ll

Bhre Mataram II (33) weer met Hyang Wicesa (28), bl. 30, reg. 10 °); werd

werd te Bhayalangö (Nag. 69:2). Het was reeds de laatste rustplaats van de Rajapatni, Hyang Wicesa's overgrootmoeder. Van Stein Callenfels heeft het in Oudh. Versl. 1916, 4, bl. 149—155 geïdentificeerd met de overblijfselen te Bayalangu bij Tulung-agung. Verg. Inl. t. d. Hindoe-Jav. kunst, II bl. 125 sq.

1) Zijn bijzetplaats Jinggan is waarschijnlijk het tegenwoordige Ngidjingan, O. van Madjasari. Verg. Niermeyer, De rondreis van een koning van Madjapahif door Java's Oosthoek, Tijdschr. Aardr. Gen. 2:30 (1913) bl. 323.

2) Waarschijnlijk niet juist en ten rechte 1369; zie de Aanteekening op Hoofdstuk XIII.

3) Deze 6 werd aan zijn naam nog toegevoegd om hem dadelijk te kunnen onderscheiden van zijn ouderen broeder, die met a is aangeduid.

4) Over dit sterfjaar zie men ook de aanteekening bij Hoofdstuk XIII en XIV.

5) Anders was de gemaal dezer prinses Bhre Tumapël II (a) (37).

6) Door dit huwelijk was het mogelijk, dat Bhre Tumapël III (b) (39) op de oorkonde van Trawulan, Oudh. Versl. 1918, 4, bl. 170, jongste zoon des konings (nl. van Hyang Wicesa)

Sluiten