Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat daarop Pajajaran door Majapahit wordt veroverd. Van Brawijaya krijgt Arya Bangah daarop den naam Arya Panular, terwijl Wiropatih Wahan wordt gemaakt, en Nambi en Bandar mantri. Daarop wordt er verder verteld, dat de vorst van Majapahit een zoon krijgt, prabhu anom, evenals ook Wahan er zich een geboren ziet worden,' die Udara heette en adipati van Daha werd. Prabhu anom volgt zijn vader op, doch doodt Wahan, die bij hem patih bleef, omdat deze hem niet vrij naar hartelust laat jagen. Hij neemt daarvoor Ujung sabata in den arm, den lurah kajinèman, die Wahan met de hem geschonken kris Jangkung pacar overhoop steekt, tengevolge waarvan de genoemde adipati van Daha een gelegenheid zoekt en vindt den vorst te dooden om den dood zijns vaders te wreken. De opvolger van Prabhu anom is Prabhu Adaningkung, wiens zoon was Hayam wuruk, en diens zoon was weder Lëmbu Amisani, wiens patih heette Dëmung') Wular. Lëmbu amisani had vervolgens tot zoon Raden alit, die als vorst Brawijaya heette en wiens patih Gajah mada' was.

Ziedaar in werkelijkheid eigentlijk alles wat de babad van Majapahit yertelt, daar hetgeen er op volgt feitelijk tot niets anders dienen moeten dan om den oorsprong van de verkondiging van de Islam op Java, hare overwinning op het oude geloof, die samengaat met den val van het rijk, en het genealogisch verband, dat er tusschen het Majapahitsche vorstenhuis en de later op Java regeerende vorsten bestaat, of verondersteld wordt te bestaan, in het licht te stellen.

In een eenigszins andere volgorde levert genoemde babad, op bl. 24—48, nl. aan feiten niet anders dan het volgende, dat hier om de volledigheid èn ter •vergelijking even in herinnering wórdt gebracht.

De laatste Brawijaya huwt achtereenvolgens vier-- vrouwen, eene prinses uit Cëmpa, eene reuzin, eene prinses van Cina en eene vrouw van Wandan.

De eerste wordt voor hem door Gajah mada van Cëmpa gehaald. Haar vader geeft als een huwelijksgeschenk de gong Kyai Sëkar dalima, de garïbong Kyai Bale lumur en een wagen, Kyai Jëbat betri. Zij heeft nog een zuster en een broeder. Haar zuster is gehuwd met Makdum .Brahim Asmara, een moslim, die heel Cëmpa reeds bekeerde en bij zijne vrouw Raden Rahmat en Raden Santri verwekte. Haar broeder volgt zijn vader op. Van kinderen van Brawijaya bij de prinses van Cëmpa wordt niet gewaagd.

Bij de tweede, die in vrouwegedaante, als endang Sasmitapura, tot hem was gekomen, en hem weer verlaat als zij rauw gehakt heeft gegeten, krijgt Brawijaya een zoon, Ki Dilah. .Dit jonge mensch gaat later naar Majapafeit, verplicht zijnen vader door hem in staat te stellen op de alun-alun te jagen als in 't bosch (hij brengt er alle wilde dieren), krijgt dan den naam Arya Damar 2), en wordt over Palembang gesteld, waarheen hem, zwanger, v

1) De oude vorm, niet dëmang. — Verg. bl. 94, noot 2.

2) Het verdient zeer de aandacht, dat het jonge mensch, dat alle dieren uit het woud, eendrachtig, op de alun-alun weet te brengen (te tooveren), juist Jaka Dilah, en Arya Damar heet.

Sluiten