Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bangkala, var. van Bangkal.

Bango samparan, pleegvader van Ken Angrok (Rajasa), 3, 13, 14, 17, 18, 20, 21, 22 en 23; de man van Gënuk buntu en Tirthaja, twee zusters, 3, 24; de vader van Panji Bawuk, Panji

Kuncang, Panji Kunal, Panji Këneng-

kung en Cucupuranti, 3, 25 en 26;

verder 10, 24 en volgg.; 13, 33. Bungalan, zie Mahisa —. Tati (ra —), volger van Rangga lawe,

als deze opstaat, 25, 9.

Sluiten