Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bezigheid aan de oefenmiddelen ontbreekt, zal de belangstelling van het kind wijken, en daarmede zijn vreugde aan den arbeid, maar daarmede óók de opgewekte lust om zich in te spannen.

De kunstmatige Zweedsche oefeningen — men moge ze nog zoo schoone physiologische grondslagen als testimonium medegeven _' hebben niet de belangstelling van de jeugd; kunnen haar op den duur niet tot opgewekte, vrijwillige zelfwerkzaamheid blijven aantrekken.

Terwijl de natuurlijke lichaamsoefening uit eigen kracht tot arbeiden dringt, vergen de kunstmatige oefeningen de tusschenkomst van de overredingskracht, van de voortdurende aanmoediging en opwekking van den opvoeder, om niet in een futlooze vertooning te verloopen.

* *

Gekomen tot de physiologische grondslagen, betreden wij het terrein van de finaal uiteenloopende grondgedachten, waarop het hier te lande beoefende stelsel en het Zweedsche systeem zijn opgebouwd. Het kan daarom nuttig zijn daarbij even stil te staan.

De grondgedachte van het hier te lande beoefende stelsel is: prophylactische verzorging van het lichamelijk en geestelijk weerstandsvermogen, door ondersteuning van het organisch leven met gebruikmaking van op het geheel inwerkende oefenmiddelen. — De grondgedachte van het Zweedsche stelsel is: versterking van het lichaam door versterking der afzonderlijke organen en verrichtingen.

Basedow, o.i. de oorspronkelijke promotor van het hier te lande beoefende stelsel, stond op het standpunt der oorspronkelijk Humanistische cultuurbeschouwing, waarin zoowel het lichaam als de geest als objecten de» opvoeding werden gesteld. In een zijner geschriften wijst hij op de funeste gevolgen der lichamelijke verwaarloozing, zoowel voor de geestelijke als voor de lichamelijke gesteldheid der opvolgende geslachten, en toont hij aan, hoe de meest voor de hand

Sluiten