Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op het oog hebben, is de inhoud der lichamelijke opvoeding van dien aard, dat de klasseonderwijzer ruim in staat is die te doceeren.

Zeker, aan elke school een vakonderwpzer aanstellen, zou een oplossing zijn, zoo het practisch wel mogelijk ware. Zoo'n regeling zou moeten afstuiten op het groot aantal kleine scholen. Dat in de groote steden, onder de bestaande verhoudingen, deze regeling getroffen is, bewijst nog geenszins hare geschiktheid tot algemeene doorvoering. Maar zelfs, al ware deze regeling algemeen te treffen, toch zou ik uit paedagogische overwegingen, die na bovenstaande uiteenzettingen niet nader aangeduid behoeven te worden, prefereeren, de klasse onderwijzer ook met de lichamelijke opvoeding zijner leerlingen te belasten.

Tot welken leeftijd zich dit zou moeten uitstrekken ? O, als het kon zelfs over de geheele middelbare school. En dat het niet kan, is geenszins een verdienste van het middelbaar onderwijs, maar vloeit enkel hieruit voort, dat het te verwerken programma voor één mensch te veel omvat en er dus gespecialiseerd móet worden. Maar nog zou ik een combinatie van de lichamelijke opvoeding met een of meer andere vakken verkiezen, om een fout uit het verleden, n l énkel het lichaam opvoeden of énkel een stukje van het intellect, niet met een verhuizing naar de toekomst mee te nemen. Eigen ervaring, en het feit, dat buiten onze grenzen deze toestand 'reeds wordt aangetroffen, kunnen in deze niet anders dan de uitgesproken meening souligneeren.

Ingrijpende voorstellen op onderwijsgebied zijn er van regeeringswege te wachten. Naar verluidt zullen de lichaamsoefeningen een gewoon vak van onderwijs op alle scholen worden en zal in verband hiermee de onderwijzersopleiding een belangrijke wijziging ondergaan. Hierop afgaande en steunende op bovenstaande beschouwingen, vraag ik uit diepe overtuiging, als hun recht op gezonde menschelijke vorming, voor onze aanstaande kweekelingen - eiken dag een uur vóór de lichamelijke opvoeding. Ik weet, dat veel opleiders, wier namen op de lesrooster prijken en een groote examenverantwoordelijkheid dragen, bedenkelijk, ja dikwerf misnoegd het hoofd schudden uit vrees, dat de tijd, aan hun speciaal vak gewijd, beknibbeld zal worden. Och, zoo langzamerhand is het besef wel levendig geworden, dat het onderwijzersexamen als richtsnoer uit

Sluiten