Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BRIEF XLVIII

PARIJS, HOTEL MEURICE 20 October 1874

IK zal .il een kleinigheid vertellen, die

| raij oniangs te uoniston gebeurde.

I Een mooie jongen, de zoon van een

Engelsch oreesteli ike_ was nn Hun Kr>lr

' Van de dilicrpnr>p o-oL-nrvion «tai

bezoeken, en vertelde mij van den heerlijken rit dien hij gehad had. „O," zeide hij, in de glorie van zijn enthousiasme, „en juist aan den hoek van het bosch zat zóó'n groote eekhoorn en de koetsier gooide hem met een steen en raakte hem bijna!"

„Gedachteloosheid — niets dan gedachteloosheid" — zegt gij — trotsche vader? Wel, misschien niet iets slechters. Maar kon het wel veel slechter? Gedachteloosheid is juist de voornaamste oorzaak van ellende in onze dagen. Maar wanneer de gedachteloosheid dien graad bereikt in het kind van een geestelijke, dat hij er niet om denkt dat een steen een levend wezen pijn doet als het geraakt wordt, en hij zich niet bekommert om het bevalligste, vlugste, onschuldigste levende wezentje in de noordelijke bosschen van Gods aardbodem, maar het slechts beschouwt als een bruin uitwas dat van de takken moet worden gestoeten, — neen, mijn goede herder van Christus'

Sluiten