Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de slavernij der ziel, met groote zaligheid, en brengt u naar een eeuwig land van leven; maar indien hij, die de kleine zaligheid verachtte en hare slappe wet (slap gelaten vanwege de hardheid uwer harten), stierf zonder genade, hoe zullen wij dan ontvlieden, indien nu wij, met harten van vleesch, zoo groote zaligheid verachten, het Eeuwige Land van Belofte weigeren, en breken de strengere wet, geen verslapping gedoogende, van Christelijke woestijn-bedevaart?" En als deze bedreigingen en beloften nog duister voor ons blijven, dan is dat omdat wij beslist geweigerd hebben de bevelen te gehoorzamen die niet duister waren, en den Geest hebben uitgedoofd die ons reeds gegeven was. Hoe ver de wereld om ons nog buiten onze macht kan zijn enkel omdat een vloek over haar gebracht is door onze traagheid en ongeloovigheid, kan niemand van ons zeggen. Nog minder mogen wij het wagen onzen Meester te prijzen of te beschuldigen om den staat der wereld, waarover Hij ons aanstelde als koningen, en waarin wij verkozen hebben te leven als dieren. Eén ding weten wij of kunnen wij weten, als wij willen, — dat het hart en het geweten van den mensch goddelijk zijn; dat in zijn begrip van kwaad, in zijn erkenning van goed, hij zelf een God is, geopenbaard in het vleesch; dat zijn vreugde in liefde, zijn kwelling in toorn, zijn verontwaardiging bij onrechtvaardigheid, zijn heerlijkheid in zelf-opoffering, alle eeuwige, onbetwistbare bewijzen zijn van zijn eenheid met een groot Geestelijk Hoofd; dat in deze, en niet enkel in zijn bruikbaarder lichaamsvorm of veelzijdig instinct, hij koning is over de lagerë bezielde wereld; dat, voor zoover hij deze ontkent of verloochent, hij den Naam van Zijnen Vader onteert en dien onheilig en niet-bewonderenswaardig

Sluiten